Ook meer dan een miljoen appartementen moeten van het gas af: betaalt de huurder de rekening?

Ook meer dan een miljoen appartementen moeten van het gas af: betaalt de huurder de rekening?

Tegen 2050 wil Vlaanderen komaf maken met aardgas in woningen. Appartementsgebouwen vormen daarbij de grootste uitdaging. Want hoe krijg je alle eigenaars en bewoners op dezelfde lijn? En vooral: wie betaalt de rekening? Voor Katelijne D’Hauwers en Wim Boone, die respectievelijk verhuurders en huurders vertegenwoordigen, lijdt het geen twijfel.

Vlaanderen telt meer dan een miljoen appartementen, die een thuis bieden aan ruim een kwart van de bevolking. Terwijl de puzzel naar een aardgasvrije toekomst in individuele woningen al moeilijk is, is die in appartementen vaak nog complexer. Katelijne D’Hauwers, algemeen directeur van Verenigde Eigenaars, verduidelijkt: “De energievoorziening is vaak gedeeld. Bovendien vereist een belangrijke beslissing in een appartementsgebouw een tweederdemeerderheid op de algemene vergadering van mede-eigenaars. Ingrijpende investeringen raken dus zelden vlot goedgekeurd.”

Gemengd eigenaarspubliek

Wat het moeilijk maakt, is de mix van eigenaars. D’Hauwers: “Eigenaars-bewoners profiteren rechtstreeks van energiezuinige maatregelen, want hun energiefactuur daalt. Voor eigenaars-verhuurders ligt dat anders: de huurder bespaart. In vaktermen heet dat een ‘verdeeld belang’: wie investeert in duurzaamheid, plukt niet de financiële voordelen. Tweedeverblijvers die slechts enkele maanden in hun appartement verblijven, zullen de investering eveneens te zwaar vinden. Binnen een gebouw botsen dus verschillende belangen.”

Toch moeten appartementen tegen 2050 van het gas af en zal iemand de rekening moeten betalen. Wim Boone, coördinator bij het Vlaams Huurdersplatform, legt uit: “De factuur belooft vooral in oudere gebouwen gepeperd te zijn. Naast het vervangen van gasketels door warmtepompen is in veel gevallen ook nood aan extra isolatie en andere maatregelen. Maar net in de panden waar de zwaarste ingrepen vereist zijn, wonen de minst kapitaalkrachtige huurders. Terwijl de eigenaars zelf ook niet noodzakelijk over diepe zakken beschikken. Net omdat de bouwkwaliteit en energie-efficiëntie lager liggen, zijn zulke appartementen betaalbaarder.”

Dubbel effect

D’Hauwers verwacht een dubbel effect op de huurmarkt. “Voor voorziene ingrepen spreken de mede-eigenaars doorgaans het ‘reservefonds’ aan. Dat is een collectieve spaarpot, waar alle eigenaars ieder jaar aan bijdragen. Maar die reserve is veelal niet genoeg om een gebouw aardgasvrij te maken. Bovendien zijn ook in de individuele delen aanpassingen nodig. Zulke kosten wegen voor eigenaars zwaar op het rendement van hun vastgoedinvestering. In veel gevallen zullen die de huurprijs optrekken.”

“Daarnaast halen eigenaars oudere panden uit de verhuurmarkt wanneer de renovatiekosten te hoog oplopen. Door de grote vraag naar huurappartementen in de lagere prijsklassen zou dat de woningmarkt schaden.”

Boone kijkt de toekomst met enige ongerustheid tegemoet. “Het valt voor huurders nu al niet mee om verhuurders te overtuigen van energiebesparende maatregelen.” Hoewel het veel voeten in de aarde had, denk ik dat het eindelijk gelukt is om op de meeste plaatsen een gasketel te laten installeren. En nu moeten we richting aardgasvrije gebouwen werken. Het gaat allemaal heel snel. We zijn voor alle duidelijkheid voor een duurzame toekomst, maar we moeten er tegelijk op toezien dat de huurder niet letterlijk en figuurlijk in de kou blijft staan. Want bij ingrijpende renovatiewerken zal die de rekening sowieso gepresenteerd krijgen.”

Stok en wortel

“D’Hauwers verwacht niet dat eigenaars meteen zullen overgaan tot actie. “De focus ligt bij de meeste verenigingen van mede-eigenaars vooral op de korte termijn. Ze hebben met het binnenkort verplichte conformiteitsattest en de daaraan gekoppelde minimale EPC-score, dubbele beglazing en dakisolatie momenteel andere katten te geselen. Bovendien kennen veel gebouwen een ouder verhuurderspubliek. Die mensen kijken niet noodzakelijk vooruit tot 2050. Ze schuiven de hete aardappel eerder door naar hun erfgenamen. Meestal brengt een meer concrete tijdslijn met verplichte en ondersteunende maatregelen de zaken echt in beweging. Eerder dan de stok verwacht ik van de overheid dat ze de wortel hanteert. Subsidies en premies die geleidelijk verminderen, kunnen de urgentie aanwakkeren.”

Boone vult aan: “Tegen 2050 zullen de vandaag aanwezige aardgasketels in de meeste gebouwen aan vernieuwing toe zijn. Dan lijkt het sowieso aangewezen om de investering richting een aardgasvrij gebouw te bestuderen. Maar ik vrees wel dat veel eigenaars die investering niet alleen kunnen dragen. Willen we de huur betaalbaar houden, dan zal ondersteuning noodzakelijk zijn.”

Ecohuis: “Stapsgewijze aanpak werkt het best”

Het Ecohuis van de stad Antwerpen, dat inwoners ondersteunt om hun woning energiezuiniger te maken, adviseert een stapsgewijze aanpak. Woordvoerder Evelien Claes verduidelijkt: “Ik raad aan om eerst advies in te winnen. Eigenaars, syndici of verenigingen van mede-eigenaars kunnen in Antwerpen bijvoorbeeld terecht bij het Loket Wonen en Energie.”

“Vervolgens moet de huidige toestand van het gebouw in kaart worden gebracht.” Dat kan op basis van de EPC-attesten van de appartementen en van de gemene delen, maar voor een grondigere aanpak is een renovatiemasterplan aangewezen. Dat plan omvat de huidige staat van het gebouw en verschillende scenario’s, investeringen en terugverdientijden op langere termijn, met als doel om te evolueren richting energielabel A en fossielvrij verwarmen.”

>Investeringen koppelen aan natuurlijke renovatiemomenten, bijvoorbeeld wanneer een verwarmingsketel aan vervanging toe is of er dakwerken gepland zijn, maakt de overstap haalbaarder

Evelien Claes,Woordvoerder Ecohuis Antwerpen

Volgens Claes krijg je een eerste indicatie van de mogelijkheden voor verwarming op lage temperatuur via een zogenaamde 50-gradentest. “Daarbij ga je tijdens een koude periode na of de bestaande individuele en gemeenschappelijke installaties het gebouw bij een lagere temperatuur comfortabel kunnen verwarmen.” Op basis daarvan kan de vereniging van mede-eigenaars een routekaart bepalen voor het gebouw. Het kan bijvoorbeeld nodig zijn om eerst de gebouwschil te verbeteren, zoals het dak, de gevel of de beglazing. Tegelijk is het belangrijk om bij de vervanging van een verwarmingsinstallatie niet zomaar opnieuw voor een fossiele oplossing te kiezen.”

Waar dat technisch en praktisch haalbaar is, gaat de voorkeur naar een collectieve oplossing, zoals een centrale warmtepomp of aansluiting op een warmtenet. “Als dat niet mogelijk is, kan je in bepaalde situaties ook een individuele oplossing per appartement bekijken. Een gedeelde zonnepaneleninstallatie kan daar eveneens deel van uitmaken. Door investeringen te koppelen aan natuurlijke renovatiemomenten, bijvoorbeeld wanneer een verwarmingsketel aan vervanging toe is of er dakwerken gepland zijn, maak je de overstap haalbaarder en betaalbaarder.”

hln.be
u/Inevitable_Jello1252 — 11 days ago

Marc De Vos over een nieuwe toekomst voor de biofarmasector: ‘Hallo België, word wakker’

De Belgische biofarmasector staat voorlopig nog aan de wereldtop. Om dat zo te houden moet België een mentale switch maken, waarschuwt Marc De Vos, co-CEO van de denktank Itinera. We zien farma nog te veel als een budgettaire kostenpost en te weinig als een economische hefboom.

Met jaarlijks meer dan 6 miljard euro aan uitgaven voor onderzoek is de Belgische biofarma nog altijd een koptrekker. Voor een aantal producten – denk aan vaccins – zijn we wereldklasse. Dankzij dat succes is de sector goed voor maar liefst 141.000 directe en indirecte banen in België en voor een exportbedrag van 73,1 miljard euro in 2025. Maar niets is voor eeuwig, en al zeker niet in deze tijden van geopolitieke spanningen. President Donald Trump zet farmabedrijven onder druk om terug te keren naar de Verenigde Staten, en ook China roert zich. Wereldleiderschap in farma is een van de centrale doelstellingen in de Chinese vijfjarenplannen.

De denktank Itinera achtte de tijd rijp voor een rondetafel met industriëlen en experts uit de biofarmasector. Hoe kan de sector weerbaarder worden? Er klonken nogal wat alarmbellen op de rondetafel, blijkt uit het deze maand gepubliceerde verslag. De goedkeuring van een nieuw medicijn neemt in de Europese Unie gemiddeld 430 dagen in beslag, tegenover 334 in de Verenigde Staten en 322 in Japan. “Overdadige regulering en versnippering over 27 nationale markten jagen investeringen weg uit Europa”, staat in het rapport. Voor één op de zeven nieuwe medicijnen is de lancering in Europa niet langer economisch leefbaar.

Strategische verankeraar

Een extra alarmbel is dat we terrein verliezen op het vlak van klinische proeven. Tussen 2013 en 2023 daalde het Europese aandeel in de wereldwijde klinische testen van 22 naar 12 procent. In dezelfde periode werd China een grote sterkhouder. Klinische testen zijn een strategische verankeraar, aldus het rapport. Ze beïnvloeden waar farmabedrijven hun onderzoeksteams, productie en beslissingscentra vestigen. Een land dat klinische studies verliest, verliest veel meer dan onderzoeksactiviteit; het verliest het hele ecosysteem. En als dat verdwenen is, kun je het nog moeilijk heropbouwen.

>‘Als we niet opletten, verliest België niet alleen ten opzichte van de Verenigde Staten en China, maar ook ten opzichte van andere Europese lidstaten’

Marc De Vos, Itinera

“Je kunt het een beetje vergelijken met die van onze chemische industrie”, zegt Marc De Vos, co-CEO van Itinera. “Ook dat is een sector waarin België traditioneel een leidende rol speelde, maar die vandaag in de tang zit van de wereldeconomie, tussen de Verenigde Staten en China. Het juiste antwoord daarop is een gestroomlijnd Europees plan voor meer concurrentiekracht, zoals het rapport van gewezen ECB-voorzitter Mario Draghi in 2024 voorschrijft.”

“Maar dat Europese antwoord blijft uit”, stelt De Vos vast. “Het gevolg is dat Europese lidstaten elk voor zich gaan spelen. Zo wil bondskanselier Friedrich Merz een farmadeal sluiten met Donald Trump. Die eist dat de Europeanen meer betalen voor Amerikaanse medicijnen, want Amerikaanse medicijnen zijn in Europa veel goedkoper dan in de Verenigde Staten. Merz heeft met Trump afgesproken dat Duitsland meer zou investeren in de terugbetaling van medicijnen in ruil voor bedrijfsinvesteringen op Duitse bodem. Hallo België, word wakker. Als we niet opletten, verliezen we niet alleen ten opzichte van de Verenigde Staten en China, maar ook ten opzichte van andere Europese lidstaten.”

Europees centrum

Uit de zet van Merz valt veel te leren, aldus De Vos. “De Duitse overheid wordt een marktspeler. Merz zegt in feite: ‘Wij willen geld uitgeven aan de farmasector, maar dan willen we dat je hier investeert.’ Overal wordt het beleid rond biofarma en lifesciences een industrieel instrument gericht op het aantrekken van innovatie en investeringen. Die mentale switch moet België nog maken. Toch hebben wij een farmasector die buitensporig sterk staat in verhouding met de omvang van onze nationale markt. Maar ons terugbetalingsbeleid zit opgesloten in een budgettair verhaal. We willen de kosten drukken. Als we de ambitie hebben om ook in de toekomst mee te spelen in deze sector, moeten we het intelligenter aanpakken. Er gaan veel overheidsmiddelen naar het behandelen van zieken in onze samenleving, maar biofarma is ook een industriële sector die we willen verankeren en ontwikkelen. Die twee moeten we met elkaar verbinden.”

De Vos verwelkomt de regeringsbeslissing om het Biofarmaplatform nieuw leven in te blazen, een overlegorgaan dat bekijkt hoe de Belgische sector sterker kan worden. Maar België kan meer worden dan alleen een belangrijke speler. “We kunnen van ons land het Europese centrum voor farmaceutische innovatie en investeringen maken”, zegt De Vos. “Ik neem opnieuw het voorbeeld van Duitsland. Dat land probeert nu een defensie-industrie voor heel Europa uit te bouwen. Datzelfde kan België ambiëren voor de biofarma-industrie. We hebben daar het potentieel voor. Kijk maar wat het Gentse biotechbedrijf argenx gerealiseerd heeft.”

De wind staat gunstig voor actie, volgens De Vos. “Het besef is doorgedrongen dat Europa industrieel en technologisch achterloopt op de Verenigde Staten en China. Europa is een lappendeken met 27 jurisdicties die onvoldoende investeringen aantrekt. Maar we hebben nog altijd onze troeven, zoals onze biofarma-industrie, een sector met veel innovatie- en dus ook groeipotentieel. België zou een voortrekkersrol moeten spelen door een coalitie te smeden met gelijkgezinde Europese landen. Zo kunnen we de versnippering van de Europese markt overstijgen, schaalvoordelen creëren en onze concurrentiekracht herwinnen. Maar dan moeten we met een andere lens naar die sector kijken. Biofarma is veel meer dan een budgettaire kostenpost, het is een economische kans. Laat ons voor één keer proberen om de beste van de klas te zijn.”

Anton Delbarre en Marc De Vos, The Pharma Urgency for Belgium and Europe. Frontrunner or Decline? Expert Roundtable Report, Itinera

Het probleem van Europa

Kennis is één ding, die kennis verzilveren op de markt is een ander. Het mankeert Europa niet aan farmaceutische kennis, aldus het Itinera-rapport. De Europese wetenschappers, universiteiten en ziekenhuizen staan aan de wereldtop. Het probleem is de omzetting van die kennis in patiëntklare producten, grootschalige productie en gestroomlijnde beslissingen.

Met zowat een half miljard inwoners is de Europese markt groter dan de Amerikaanse, en toch zijn de Verenigde Staten goed voor bijna de helft van de wereldwijde verkoop geneesmiddelen op voorschrift. “De Amerikaanse markt combineert schaal, prijszettingsmacht en snellere productlanceringen”, aldus het rapport. Europa daarentegen is een “gefragmenteerde archipel”. Geen wonder dat de Europese privé-investeringen in de farmasector slechts een kwart bedragen van de Amerikaanse, en de overheidsinvesteringen minder dan de helft.

Het rapport roept op tot Europese coördinatie tussen nationale toezichthouders, prijszettings-en terugbetalingsregelingen. Het ultieme doel is de integratie van de hele waardeketen, besluit het rapport. “Als we niet opschalen, zal de Europese kennis des te gemakkelijker opgekocht, gefinancierd en gecontroleerd worden door niet-Europese bedrijven.”

trends.knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 23 days ago

Economische stilstand in België en hoge inflatie: de schrik voor stagflatie neemt toe

Terwijl de rest van Europa nog een beetje groeit, staat de Belgische economie stil. En de inflatie blijft stijgen, vooral door de stijgende energieprijzen. De vraag die steeds luider klinkt: staan we aan de vooravond van stagflatie?

De Belgische economie groeit niet meer, zo bleek eerder deze week uit cijfers van de Nationale Bank. Een dag later volgde het inflatiecijfer van België en dat lag met 4 procent vrij hoog, zelfs het dubbele van wat de Europese Centrale Bank (ECB) als ideaal nastreeft. Een stagnerende economie gecombineerd met een hoge inflatie doet de vrees toenemen dat we voor een periode van stagflatie staan. 

Stagflatie is iets wat economen niet graag zien, het is een nachtmerrie. In de jaren zeventig hebben we dat al eens meegemaakt: door de oliecrisis met de fors stijgende olieprijs lag de inflatie toen hoog en tegelijkertijd was er geen economische groei.

Het is moeilijk om uit zo’n situatie te raken, want een centrale bank staat dan voor een dilemma. Als er nauwelijks of geen economische groei is, zou de centrale bank de rente kunnen verlagen om de economie aan te zwengelen. Maar dan zal ook de inflatie toenemen en die is al zo hoog. Om de inflatie te verlagen zou de centrale bank de rente kunnen optrekken, maar dan vertraagt de economie nog meer en dreigt een recessie, een krimp van de economie.  Daarom is stagflatie een nachtmerrie. 

Nul procent groei

Volgens de Nationale Bank bleef het bruto binnenlands product (bbp, wat we met zijn allen aan goederen en diensten produceren) in het tweede kwartaal van dit jaar steken op nul procent in vergelijking met het eerste kwartaal. Ook de vorige kwartalen was de economische groei in  België bijzonder mager, rond de 0,1 en 0,2 procent. 

>

De lage economische groei in ons land baart zowat alle economen grote zorgen. Heel Europa kampt met een lage economische groei, maar als je de cijfers sinds midden vorig jaar bekijkt, dan bedraagt die geringe Europese groei toch nog altijd het dubbele van de Belgische groei. Het is vooral in België dat de economische groei zo laag ligt.

Bij de Nationale Bank denken ze niet dat daar snel verandering in zal komen. Misschien zal België in het derde kwartaal opnieuw een beetje economische groei kennen. Dat zal geen 0,5 procent zijn, maar hopelijk wel net iets meer dan nul procent. Omdat de economische groei al zo lang bijna nul procent bedraagt, mag je stilaan zeggen dat onze economie stagneert. 

Oplopende inflatie

Hoe zit het ondertussen met de inflatie in België? Die bedroeg in augustus 3,97 procent, het leven werd op één jaar tijd dus bijna 4 procent duurder. Onze inflatie blijkt ook maand na maand te stijgen: in juni lag ze op 3,4 procent, in juli op 3,56 procent. Het Planbureau ziet onze inflatie tegen het eind van het jaar oplopen tot meer dan 5 procent.

>

De vraag is of de inflatie lange tijd zo hoog zal blijven. Hierover zijn de Nationale Bank en het Planbureau wat optimistischer dan over onze economische groei. Volgens de cijfers die het Planbureau op 1 september publiceerde, zal de inflatie in ons land in 2026 gemiddeld 3,6 procent bedragen, en in 2027 3,4 procent. Dat is het gemiddelde voor het jaar, vanaf midden volgend jaar zou de inflatie moeten afnemen. In september 2027 zou de inflatie dan rond de 2,2 procent moeten liggen. 

Bovendien ziet de Nationale Bank de hoge energieprijzen nog niet doorsijpelen in de rest van de economie. De prijs van voeding bijvoorbeeld steeg maar 0,36 procent in één jaar tijd. Op basis van al deze inzichten en vooruitzichten kun je niet zeggen dat de inflatie in ons land voor een langere tijd hoog zal zijn. Het zou maar over een korte inflatie-schok gaan. En dus is een stagflatie ook niet aan de orde.

Gasvoorraad

Maar, er is een maar: de belangrijkste motor achter de huidige hoge en oplopende inflatie zijn de energieprijzen. Die worden sterk beïnvloed door de onzekerheid over de Straat van Hormuz, een cruciale doorgangsroute voor de wereldwijde olie- en gasvoorziening. Bij elk Amerikaans bombardement in die regio stijgen de olie- en gasprijzen, bij elk zogenaamd vredesakkoord vallen ze terug. Nu de Verenigde Staten de aanvallen op Iran hebben hernomen, gaat de olieprijs richting 100 dollar per vat, ruim 50 procent boven het peil van begin dit jaar. En de gasprijs stijgt tot boven de 75 euro per megawattuur, het hoogste niveau sinds januari 2023.

>

De Nationale Bank en het Planbureau denken dat de energieprijzen hoog zullen blijven, maar geloven niet dat ze fel zullen stijgen, waardoor ze de inflatie dus niet zullen aanjagen. Al is er één grote bezorgdheid: de beperkte Europese gasvoorraden, zoals ook wordt aangestipt in een blog van de Nationale Bank.

De Europese gasvoorraden staan vandaag op een historisch laag peil. Het is een uitdaging om die nog voor de winter tijdig aan te vullen. Als het daarbij een koude herfst en een barre winter wordt, en de landen beginnen tegen elkaar op te bieden om gas te krijgen, kan dat voor een veel hogere gasprijs zorgen. Dan zou de hoge inflatie in ons land toch langer kunnen aanhouden. En dan wordt de nachtmerrie van stagflatie toch meer realiteit

knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Ex-topman van failliete chipfabrikant BelGaN verdacht van spionage voor China

Een voormalige topman bij BelGaN, het chipbedrijf uit Oudenaarde dat een aantal jaar geleden failliet verklaard werd, is door de Belgische politie opgepakt op verdenking van spionage. Dat schrijft De Standaard vandaag op basis van informatie die de redactie samen met de Franstalige omroep RTBF verzamelde.

De verdachte is H.L., een 52-jarige man met de dubbele Belgisch-Chinese nationaliteit. L. werkte als leidinggevende op de afdeling onderzoek bij het intussen failliete BelGaN uit Oudenaarde. Volgens De Standaard werd hij op 10 mei opgepakt toen hij op het vliegtuig naar Peking wilde stappen.

Technologie doorsluizen naar China

BelGaN ging in 2024 failliet om louter economische redenen, zo leek toen. Maar de speurders vermoeden nu dat het de Chinese eigenaars, die de onderneming in 2021 overnamen, er niet om te doen was om van BelGaN een bloeiend bedrijf te maken, maar wel om de technologie naar China door te sluizen.

L. kreeg enkele maanden nadat hij bij BelGaN actief geworden was ook in China een leidinggevende functie bij een Chinees bedrijf. Dat bedrijf - Gankool - werd opgericht kort nadat BelGaN in 2021 in Chinese handen terechtgekomen was.

Intellectuele economische eigendom

Gankool produceerde exact dezelfde technologie als BelGaN. Er zouden aanwijzingen zijn dat er een constructie is opgezet om de gespecialiseerde intellectuele economische eigendom en bedrijfsgeheimen van BelGaN naar Gankool te sluizen.

L. is trouwens niet de enige oud-leidinggevende van BelGaN die in het onderzoek opduikt. Ook de laatste ceo van het bedrijf, de Chinees Alan Zhen Zhou, zou een rol hebben gespeeld bij Gankool. Volgens informatie van De Standaard en RTBF wordt ook Zhen Zhou gezocht door het Belgische gerecht.

Spionage

L. wordt door het federaal parket verdacht van spionage, onrechtmatig meedelen van bedrijfsgeheimen, lidmaatschap van een criminele organisatie, misbruik van vennootschapsgoederen en faillissementsmisdrijven. Hij zit momenteel in voorhechtenis in afwachting van een proces.

Dimitri de Beco, de advocaat van H.L., laat in een reactie aan De Standaard en RTBF weten dat zijn cliënt alle feiten betwist.

hln.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Doet Bart De Wever te weinig tegen drugsgweld? ‘De Antwerpse connectie die de PS ziet is een beetje belachelijk’

De PS schiet met scherp op de Antwerpse politici in de regering-De Wever: zij maken een grondigde aanpak van de strijd tegen drugs onmogelijk. Oppositiepraat, of heeft de partij toch ergens een punt?

The Antwerp Connection, het had de titel van een misdaadreeks van dertien in een dozijn kunnen zijn, maar het is de term waarmee de PS de regering-De Wever wil opjagen.

In een video op Instagram haalt Thomas Dermine, socialistisch burgemeester van Charleroi, in ieder geval uit naar de Antwerpenaren in de federale regering. Jan Jambon, Annelies Verlinden en uiteraard ook premier Bart De Wever zijn volgens hem niet krachtdadig genoeg in hun aanpak van het drugsprobleem in Antwerpen. Ze zijn te dik met havenbazen als Fernand Huts om de haven echt streng te willen controleren. Charleroi, uiteraard, is daar het slachtoffer van.

Het is een echo van de discussie die zich deze week in de Kamer afspeelde over het drugsgeweld in Brussel. Ook daar kreeg De Wever van de PS het verwijt afwezig te zijn. Dat zijn missie naar India slechts 48 uur duurde,  kon op weinig begrip rekenen. Conclusie van de PS: zeker De Wever doet veel te weinig tegen het drugsgeweld. Als er in de Brusselse straten geschoten wordt, is dat minstens ook zijn verantwoordelijkheid.

War on drugs

In Vlaanderen is op zijn minst de perceptie anders: het was Bart De Wever die in Antwerpen in 2012 verkozen raakte als burgemeester met zijn belofte om een war on drugs te voeren. Als burgemeester stonden drugs altijd hoog op zijn prioriteitenlijstje, ook al schrok hij er zelf evenmin voor terug om met een beschuldigende vinger naar de federale regering te wijzen als het drugsgeweld in zijn eigen stad escaleerde. ‘Maar De Wever is met zijn war on drugs in die stad soms zelfs wat te ver gegaan’, zegt criminoloog Jelle Janssens van de UGent. Hij noemt de verwijten van de PS ‘een beetje belachelijk’.

‘Drugs zijn een internationale markt: ze komen langs heel verschillende kanalen binnen’, gaat hij verder. ‘Het is onterecht om de zwartepiet naar één stad door te schuiven, want er zal alleen een oplossing kunnen komen als iedereen samenwerkt. Bovendien is het ook wat kinderachtig: Jean Spinette, de PS-burgemeester in Sint-Gillis, eiste in augustus nog dat Brussel evenveel middelen tegen drugsgeweld krijgt als Antwerpen. Wat is het dan?’

Charlotte Colman, professor criminologie aan de UGent en interfederaal drugscoördinator, kijkt ook naar Antwerpen als een stad waar al veel goede zaken zijn gebeurd in de strijd tegen drugs. ‘Ik weet dat het in Antwerpen vaak over een war on drugs ging, maar de aanpak is altijd heel geïntegreerd geweest’, zegt ze. ‘Het gaat dan over gerichte arrestaties, samenwerkingen tussen politie en andere diensten en ook initiatieven om mensen die drugs gebruiken te ondersteunen. Brussel moet daar ook werk van maken.’

Bananen en ananassen

De Antwerpse haven is natuurlijk geen detail: ontzettend belangrijk voor de Belgische economie, maar ook een knooppunt van drugstrafiek in Europa en de wereld. Thomas Dermine is lang niet de eerste die erop wijst dat die verschillende belangen voor spanningen zorgen.

‘Tien jaar geleden beweerden sommige containerbedrijven dat ze simpelweg niet verantwoordelijk waren voor wat er via hun containers het land binnenkwam’, zegt nationaal drugscommissaris Ine Van Wymersch. ‘Ze brachten zogezegd enkel die containers van punt a naar punt b, maar mijn ervaring is dat ze echt een switch hebben gemaakt. Alleen al om de veiligheid van hun personeel te kunnen garanderen, zitten zij vandaag als een volwaardige partner mee aan tafel. Natuurlijk, we gaan niet volledig stoppen met het invoeren van bananen of ananassen om elk risico te vermijden.  Het evenwicht is soms delicaat, maar meestal komen we er wel uit.’

>‘Drugscriminelen zetten noodgedwongen meer in op Zuid-Europese havens, maar ook op de binnenvaart of op vliegtuigen. De Antwerpse haven wordt wel steeds ondoordringbaarder.’

Nationaal drugscommissaris Ine Van Wymersch.

De gevolgen zijn er ook, of zo lijkt het toch. In de Antwerpse haven wordt minder en minder cocaïne onderschept: in de eerste helft van dit jaar ging het om tien ton minder dan in dezelfde periode het jaar ervoor. Ook Van Wymersch spreekt van een ‘spectaculaire’ daling van de klassieke inbeslagnames. ‘Er is een duidelijke verschuiving bezig’, zegt ze. ‘Noodgedwongen zetten drugscriminelen meer in op Zuid-Europese havens, maar ook op de binnenvaart of op vliegtuigen. Natuurlijk, het kan ook zijn dat ze een nieuwe methode hebben gevonden die we nog niet kennen, maar de Antwerpse haven wordt wel steeds ondoordringbaarder.’

Nul risico

Een andere verandering: het is al een hele tijd geleden dat het drugsgeweld zodanig oplaaide als de voorbije zomer in Brussel. De steden hebben altijd te maken gehad met een ander soort van geweld op straat, maar in Antwerpen lijkt het te zijn gaan liggen. ‘Dat zal ik nooit zomaar bevestigen’, antwoordt Van Wymersch op die vaststelling. ‘Morgen ontploft er misschien een granaat of vindt er een schietpartij in Antwerpen plaats. Zelfs als een stad alles doet wat ze kan, kan het geweld uit de hand lopen. Nul risico bestaat niet.’

>‘Het is zeker niet omdat er geen zichtbaar drugsgeweld meer is in Antwerpen dat de drugsmarkt verdwenen is.’

Charlotte Colman, professor criminologie aan de UGent en interfederaal drugscoördinator

‘Het is zeker niet omdat er geen zichtbaar drugsgeweld meer is in Antwerpen dat de drugsmarkt verdwenen is’, besluit Charlotte Colman. ‘Het meeste drugsgeweld is altijd onzichtbaar voor de burgers. Criminelen hebben er heel weinig belang bij om daarmee in de kijker te lopen. Als het voor ons zichtbaar wordt, is er iets fout gelopen, of willen criminelen een duidelijk signaal geven aan elkaar. Dat zien we in Brussel, en recent ook in Nederland. Maar dat zegt weinig over wat er vandaag nog wel of niet in Antwerpen gebeurt.’

knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Moeten we witte mannen alle wereldse miserie aanwrijven?

Arthur Goemans volgde het debat rond Sophie Straat op een afstand. Ook hij maakt zich regelmatig schuldig aan mannenhaat, want dat is het lot van de moderne man: wie zijn geslachtsgenoten niet verloochent, is geen progressieve bondgenoot.

Het Sophie Straat-citaat “alle witte mannen naar achteren” was helaas geen nieuws hier in Engeland. In plaats van stevig door te bomen op café moest ik me tevredenstellen met eenzaam tobben over een dozijn opiniestukken en pakweg een miljard Instagramreacties van “wij-mogen-niks-meer”-vijftigers die zich verdrongen om de linkse hypocrisie aan te wijzen.

Het was een wansmakelijke gedachte om me bij die groep te voegen – u weet wel, Mike, Patrick en Jos, met hun zonnebrilselfie als profielfoto – en dus wrong ik mezelf in bochten om de uitspraak van Straat te rechtvaardigen. Structureel privilege, tijd voor compensatie, verlies je niet in nuance, enzovoorts. In dat soort copinggedrag ben ik geoefend, want als progressieveling die toevallig ook wit en mannelijk is, wordt er voortdurend zelfkastijding van mij verwacht. “Mannen”, zeg ik met een oogrol, wanneer mijn zus een verhaal vertelt over een vervelende vent op Hinge. “Niet alle mannen, maar altijd een man”, de standaardreactie bij mannenmisdaad. “Elke witte man van vijftig plus is per definitie een beetje problematisch”, dixit een vriendin aan de eettafel in ons huis (smullend van de ovenschotel die mijn vader – witte man van zestig – voor ons had klaargemaakt).

Een andere vriendin heeft een laptopsticker met de tekst “We dance on the grave of the patriarchy and drink the bitter tears of mediocre men”. Ik zei haar eens dat ze wat mij betreft best mocht dansen op het graf van het patriarchaat, maar dat ik de sneer naar de doorsnee man bedenkelijk vond. Maak je geen zorgen, zei mijn vriendin: jij bent heus niet doorsnee. Ik ben niet doorsnee, want ik neem vrolijk deel aan de karaktermoord op de witte man, en zo kan ik op de valreep mijn bestaansrecht verzekeren. 

Ook op het internet worden misogynie en misandrie anders gewogen. Spilfiguren uit de manosfeer zijn verbannen van de grote sociale mediaplatformen en moeten hun fanbase elders bedienen, maar “I hate men”-inhoud is bon ton op Tiktok en Instagram, alsook in een eloquentere verpakking op Substack. Vorige zomer nog stuurde een vrouw met wie ik op date was geweest een Substack-post door waar het vitriool zo van afdroop dat ik even dubbelcheckte of het bericht wel voor mij – een man – bedoeld was. Waarschijnlijk had ik zelf bijgedragen aan de illusie dat ik enthousiast mijn vuist in de lucht zou pompen, de slogan van het essay scanderend: KILL ALL MEN, KILL ALL MEN. Zoals het de goede bondgenoot betaamt, had ik immers tijdens ons afspraakje haar veralgemeningen ten aanzien van onze sekse beaamd, en er misschien zelf een paar opgediend ook.

Ik benijd hen niet, al die vrouwen die overdag hun mannenhaat prediken en ’s avonds met een exemplaar uit eten moeten, want uit zo’n spreidstand komen vroeg of laat gezondheidsklachten voort. Maar sporadisch hoor ik uit een vrouwenmond ook iets als “mannen hebben het moeilijk”, en dan ben ik de ontroering nabij. Nochtans heb ik het zelf niet moeilijk, of toch niet op de manier waarop met zo’n uitspraken gealludeerd wordt. Wel besef ik dat als we de heterorelatie uit de brand willen slepen, we dringend komaf moeten maken met eenzijdig bondgenootschap. Mijn voornemen is dan ook om voortaan alle wereldse miserie niet meer in de schoenen van de witte mannengemeenschap te schuiven, ook als dat betekent dat mijn slogans daardoor net wat minder sloganesk worden.

Arthur Goemans (1995) is schrijver en AI-onderzoeker. Zijn debuutroman De verkavelingen verscheen in maart 2025. Arthur woont en werkt in Londen. Hij schrijft hier afwisselend met Yelena Schmitz.

standaard.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

MR blokkeert miljoenen voor Brusselse sociale huisvesting zolang Mostefa voorzitter blijft bij Anderlechtse Haard

De MR haalt in Brussel alles uit de kast om Lotfi Mostefa te doen opstappen als voorzitter van huisvestingsmaatschappij Anderlechtse Haard. Mostefa kwam in opspraak na een reportage van Pano. De MR dreigt er nu mee miljoenen, bedoeld voor Brusselse sociale huisvesting, in te houden zolang Mostefa aanblijft.

De Anderlechtse Haard, die meer dan 4.000 sociale woningen verhuurt in Anderlecht, kwam in opspraak na een reportage van Pano. Daaruit bleek dat de schepen van Huisvesting in Anderlecht, Lotfi Mostefa (PS), zich mengt in de toewijzing van sociale woningen. Mostefa is er ook de voorzitter van de Anderlechtse Haard. 

Deze zomer dook een parlementaire onderzoekscommissie in Brussel in de zaak, maar die kwam niet tot eensluidende conclusies, vooral door onenigheid binnen de meerderheid. Midden augustus werd Mostefa als klap op de vuurpijl opnieuw verkozen tot voorzitter van de raad van bestuur van de Anderlechtse Haard.

Voor de MR is dat "onaanvaardbaar". De Franstalige liberalen willen "de Brusselse PS met haar verantwoordelijkheden confronteren en haar dwingen tot actie". Daarom heeft de partij beslist om een deel van de financiering voor de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij (BGHM) te bevriezen. 

Die instelling begeleidt en controleert de verschillende huisvestingsmaatschappijen van het Gewest, maar financiert ook zelf woningbouwprogramma's. De BGHM verwacht normaal gezien dit jaar 131 miljoen van het Gewest, zoals voorzien is in het regeerakkoord. Het risico bestaat dat ze nu haar rekeningen niet kan betalen, mochten de toegezegde middelen uitblijven.

"Goed bestuur"

"Er is geen sprake van dat er nieuwe middelen worden vrijgemaakt zolang de situatie bij de Anderlechtse Haard niet is opgelost en de nodige garanties op het vlak van goed bestuur, transparantie en verantwoord beheer niet zijn gewaarborgd", laat de MR weten.

>Er is geen sprake van dat er nieuwe middelen worden vrijgemaakt zolang de situatie bij de Anderlechtse Haard niet is opgelost

MR

Het besluit is volgens MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez genomen "in overleg met Brussels minister-president Boris Dilliès, die het ook daadwerkelijk zal uitvoeren", zo wordt vanuit diens kabinet verzekerd. De extra financiering staat weliswaar in het regeerakkoord, maar "andere elementen" die zich inmiddels hebben voorgedaan, veranderen de situatie, luidt het.

Brussels minister van Huisvesting Karine Lalieux (PS) wil niet reageren. Volgens haar kabinet is het dossier nog niet op de tafel van de Brusselse regering beland en zal het dossier vandaag normaal ook niet op de ministerraad besproken worden.

"Politieke spelletjes"

Oppositiepartij PVDA hekelt dat de MR "de huurders van sociale woningen gijzelt". "Sociale huurders of mensen die op een sociale woning wachten, gijzelen om politieke rekeningen te vereffenen, is gewoon schandalig", zegt fractieleidster in het Brussels Parlement Françoise De Smedt. 

"In Brussel wachten al 60.000 gezinnen op een sociale woning. Deze Brusselaars zijn geen pionnen van de PS, noch van de MR. Het zijn mensen die gewoon wachten tot ze in een waardige en betaalbare woning kunnen wonen, en de BGHM heeft dat geld nodig om aan die verwachtingen te voldoen."

De financiering van de sociale huisvesting moet "beschermd worden tegen politieke spelletjes", besluit De Smedt.

vrt.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago
▲ 161 r/Belgium2

Testaankoop wil af van festivalmunten: ‘Waarom moeilijk doen als festivals ook gewoon in euro’s kunnen werken?’

Testaankoop wil dat betalen op festivals consumentvriendelijker wordt. Dat maakt de consumentenorganisatie donderdag bekend in een persbericht. Testaankoop trok afgelopen zomer naar verschillende festivals om na te gaan hoe consumentvriendelijk de betalingen ter plaatse zijn.

“Veel festivals zweren bijvoorbeeld bij een verplicht cashless systeem, waarbij bezoekers vaak enkel met een digitale munt kunnen betalen”, klinkt het. “Testaankoop is geen fan, zeker niet wanneer die munt moeilijk om te rekenen is naar euro.”

In een enquête die de organisatie dit voorjaar hield, geeft ook 64 procent van de respondenten aan dat zulke festivalmunten het bovendien moeilijker maken om uitgaven op te volgen.

“Op Tomorrowland kun je je Pearls enkel kopen per schijf van 20 euro, daarvoor krijg je dan 10,5 Pearls. Een Strawberry Matcha Latte kost 4,5 Pearls en een Jupiler 0.0 2,25 Pearls”, geeft Laura Clays, woorvoerder van Testaankoop, als voorbeeld.

“Gelukkig vermelden de eet- en drankstandjes over het algemeen ook de prijs in euro. Maar waarom dan moeilijk doen als festivals ook gewoon in euro’s kunnen werken, zoals bij Paradise City of Ronquières?”, klinkt het nog.

Ook de hoge kosten om een eventueel resterend saldo te recupereren zijn Testaankoop een doorn in het oog. De organisatie heeft daarom al haar bevindingen doorgegeven aan de Economische Inspectie.

Francofolies in Spa en het Brusselse Brosella scoren het best wat betreft consumentvriendelijkheid. Les Ardentes bengelt onderaan in de lijst.

demorgen.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Slechts 1 op de 10 Belgen weet dat thuisbatterij geregistreerd moet zijn: "Anders riskeer je zelf te betalen"

4 op de 10 Belgen hebben vandaag een thuisbatterij of plug-and-playbatterij in huis, of overwegen er een te kopen. Maar slechts weinigen weten dat zo'n batterij correct geregistreerd moet zijn. Dat is nochtans belangrijk: wie een toestel koopt dat niet correct is geregistreerd, riskeert zelf te moeten betalen voor ophaling en recyclage. De leverancier moet dat normaal doen, maar door de toenemende online verkoop gebeurt dat niet altijd.

Thuis- en plug-and-playbatterijen zijn de voorbije jaren steeds populairder geworden. Uit onderzoek van Bebat blijkt dat 4 op de 10 Belgen vandaag een thuisbatterij of plug-and-playbatterij in huis hebben of overwegen er een te kopen.

Bij een klassieke thuisbatterij verloopt de aankoop doorgaans via een installateur. Vlaanderen telt intussen meer dan 185.000 thuisbatterijen die bij netbeheerder Fluvius zijn aangemeld.

Daarnaast zijn bijna 10.000 plug-and-playbatterijen aangemeld. Bebat verwacht dat dat aantal verder zal toenemen. Die batterijen zijn namelijk kleiner dan klassieke thuisbatterijen en kunnen eenvoudig via een stopcontact worden aangesloten. Daardoor zijn ze bijzonder geschikt voor online verkoop.

En net daar ziet Bebat een belangrijk probleem. Uit navraag blijkt dat 37,8 procent van de bevraagde eigenaars hun plug-and-playbatterij via een buitenlandse webshop heeft gekocht.

Leverancier is verantwoordelijk

Wie een batterij op de Belgische markt brengt, is ook verantwoordelijk voor de inzameling en de recyclage ervan aan het einde van de levensduur van het toestel. Dat geldt zowel voor Belgische als voor buitenlandse marktspelers.

Voor elke batterij wordt daarom een milieubijdrage aangerekend. Die kost wordt via de verkoopketen doorgerekend aan de consument. Elke thuis- of plug-and-playbatterij krijgt daarvoor een uniek serienummer, dat door de producent of verkoper wordt aangebracht.

Maar als een leverancier zijn verplichtingen niet nakomt en de milieubijdrage niet betaalt, kan die zijn batterijen goedkoper aanbieden. Dat kan leiden tot aanzienlijke prijsverschillen met verkopers die hun verplichtingen wel nakomen en de milieubijdrage aan de klant doorrekenen.

Kost je geld

Een batterij die niet correct bij Bebat geregistreerd is, kan jaren later voor een onaangename verrassing zorgen. Wanneer de batterij aan vervanging toe is, moet het serienummer in de databank van Bebat staan om de gratis ophaling en recyclage te garanderen. Staat het serienummer er niet in, dan kan het zijn dat de eigenaar zelf voor de kosten moet opdraaien.

>Je moet in principe altijd terug naar de verkoper

Phillipe Decrock van Bebat

"Je moet in principe terug naar de verkoper. Maar als die verkoper geen milieubijdrage heeft betaald, loop je het risico dat je zelf moet betalen voor de ophaling en recyclage van je batterij", zegt Phillipe Decrock van Bebat. 

Een thuis- of plug-and-playbatterij mag bovendien niet zomaar naar het containerpark. De Openbare Afvalstoffenmaatschappij voor het Vlaamse Gewest (OVAM) staat in voor de ophaling en veilige verwerking ervan. Voor correct geregistreerde batterijen gebeurt dat gratis.

"Ik dacht dat installateur dat in orde had gebracht"

Ook Ludo uit Tienen kocht in december 2022 een thuisbatterij bij een firma in Limburg. "Op een zomeravond spraken mijn buren en ik over onze energiefactuur die in de winter weer zal stijgen. Toevallig vroeg mijn buurman of onze thuisbatterij geregistreerd was. Ik vermoedde dat onze installateur dat wel in orde had gebracht, maar dat bleek niet waar te zijn."

>Bij de aankoop van je batterij let je best goed op het serienummer

Ludo uit Tienen

Tot zijn verbazing bleek zijn batterij geen serienummer te hebben. "Nu weet ik eigenlijk niet goed wat ik moet doen. Ik zou opnieuw contact opnemen met mijn installateur, want die geeft 10 jaar garantie. Maar dankzij deze actie ben ik nu wel op de hoogte. Ik weet nu dat thuisbatterijen een serienummer hebben en dat ik daar bij een aankoop goed op moet letten."

Ludo is zeker niet de enige die niet op de hoogte was van de registratieplicht. Uit navraag blijkt dat slechts 1 op de 10 Belgen weet dat een thuisbatterij of plug-and-playbatterij geregistreerd moet worden.

Controle kan eenvoudig online

Met deze nieuwe campagnegolf, onder meer via radio en online, wil Bebat van die controle een eenvoudige reflex maken. Eigenaars van een thuis- of plug-and-playbatterij kunnen via de website van Bebat controleren of hun batterij geregistreerd is.

Daarvoor volstaat het om het serienummer in te vullen of een duidelijke foto van het serienummer op te laden. Bestaat een thuisbatterij uit verschillende modules? Dan moeten de serienummers van alle modules worden gecontroleerd.

Wie nog een batterij moet kopen, kan de registratie ook vooraf controleren. Bebat raadt consumenten aan om aan de verkoper of installateur te vragen of de milieubijdrage betaald wordt en de registratie correct geregeld is.

Als het serienummer niet meteen wordt teruggevonden in de databank, dan betekent dat niet automatisch dat de batterij niet of niet correct werd aangegeven. Bebat vraagt consumenten in dat geval om contact op te nemen. Indien nodig kunnen ze ook de verkoper, installateur of webshop aanspreken.

Ten slotte is een correcte registratie volgens OVAM niet alleen belangrijk voor de eigenaar van de batterij. Ze maakt het ook mogelijk om erop toe te zien dat producenten en verkopers hun verantwoordelijkheid opnemen voor de inzameling en recyclage van de toestellen.

vrt.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Non-binaire leerkracht wil alleen met voornaam aangesproken worden: “Zeer triest dat volwassenen hier nog moeilijk over doen”

Zoersel Een nieuwe, non-binaire kleuterleerkracht in gemeentelijke basisschool Beuk & Noot in Sint-Antonius heeft de klas gevraagd om niet met meester of juf aangesproken te worden, maar alleen met de voornaam. Oppositiepartij Vlaams Belang gaat in de aanval. Burgemeester Katrien Schryvers (CD&V-Vooruit) roept op tot sereniteit en respect. “Gender mag geen rol spelen bij de selectie van personeel”, zegt ze.

Een kleuterklas van Beuk & Noot in Sint-Antonius zal dit jaar niet meester of juf tegen de leerkracht zeggen, maar de voornaam gebruiken. Dat is de vraag die hun non-binaire leerkracht hen op 1 september stelde. De ouders kregen een bericht van de directie met toelichting.

Wouter Bollansée, fractieleider van Vlaams Belang Zoersel, plaatste direct een scherp bericht op Facebook. Volgens hem en zijn partij moeten kleuters niet lastiggevallen worden met *“*de identiteitscrisis” van een onderwijzer. “Ze dienen in eerste instantie te leren wat een man en een vrouw is”, aldus Bollansée. “Dat de directie dit even enkele dagen voor de start van het schooljaar meedeelt aan de ouders, zet de ouders voor een voldongen feit.” Volgens Bollansée werd zijn partij al gecontacteerd door bezorgde ouders.

De directie van Beuk & Noot steunt de leerkracht en betreurt de commotie. Net als de gemeente vindt ze dat de leerkracht beoordeeld moet worden op de prestaties in de klas en de omgang met de kinderen. Na overleg zette de gemeente Zoersel zelf op de eigen Facebookpagina een reactie waarin gevraagd wordt om de sereniteit te laten weerkeren.

Jammer

Zoersels burgemeester Katrien Schryvers (CD&V-Vooruit) onderschrijft volledig dat statement: “Met de start van het schooljaar werden verschillende nieuwe leerkrachten aangesteld in de gemeentelijke basisscholen. Een van de nieuwe kleuteronderwijzers in Beuk & Noot liet de directie weten de non-binaire genderidentiteit te hebben. De ouders van de kinderen in de klas werden hierover ingelicht door de directie. Daarbij werd gevraagd om de leerkracht met de voornaam aan te spreken en niet als juf of meester. Het schoolbestuur vindt het jammer dat communicatie over een concrete klas en individuele medewerker op sociale media wordt gedeeld en besproken. Dat raakt ook de persoon achter het verhaal.”

>“De betrokken leerkracht kwam na de selectiegesprekken, afgenomen door de directie, als meest geschikte kandidaat naar voren”

Katrien Schryvers, Burgemeester Zoersel (CD&V-Vooruit)

“De betrokken leerkracht kwam na de selectiegesprekken, afgenomen door de directie, als meest geschikte kandidaat naar voren”, stelt Schryvers. “Gender mag geen rol spelen bij de selectie van personeel. Dat volgt uit de anti-discriminatiewetgeving. De keuze om op een bepaalde manier aangesproken te worden, vloeit voort uit de genderidentiteit van de leerkracht. Dat de directie hier rekening mee houdt, is gebaseerd op de neutraliteitsverklaring van de Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten en het non-discriminatiebeginsel. Beide maken deel uit van het schoolreglement dat werd goedgekeurd door de gemeenteraad.”

Het gaat ook enkel en alleen over de aanspreking, de voornaam zonder de juf of meester erbij. Het is niet zo dat de kleuters een heel exposé over gender kregen.

Facebook

Beide Facebookposts, zowel van Vlaams Belang als van de gemeente en OCMW Zoersel, lokken felle reacties uit. De ene noemt het indoctrinatie van kleuters en vindt “dat mentale problemen buiten de werkvloer dienen gehouden te worden”, de andere vindt het zeer triest dat er nog volwassen mensen zijn die hier moeilijk over doen.

EDIT: Zie net dat de link naar het artikel er niet bij staat:

https://www.gva.be/regio/antwerpen/regio-antwerpen/zoersel/non-binaire-leerkracht-wil-alleen-met-voornaam-aangesproken-worden-zeer-triest-dat-volwassenen-hier-nog-moeilijk-over-doen/160861254.html

reddit.com
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

4.200 vastbenoemde ambtenaren kregen stempel ‘te ziek om ooit nog te werken’, maar zijn vandaag toch aan de slag

Officieel zijn bijna 85.000 vastbenoemde ambtenaren ‘te ziek’ om ooit nog te werken. Toch is één op de twintig vandaag aan de slag, blijkt uit informatie die CD&V opvroeg bij minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA). Het gaat om zo’n 4.200 Belgen. “Dit toont aan dat de overheid mensen vaak onterecht te snel uit de arbeidsmarkt duwde”, vindt Kamerlid Nahima Lanjri (CD&V). Waar werken ze? Kunnen ze hun uitkering combineren met een job? En wat gaat er in de toekomst met die groep gebeuren?

Te ziek om ooit nog te kunnen werken: dat was de stempel die tienduizenden mensen decennialang kregen als ze met ziektepensioen gestuurd werden. Dat systeem gold alleen voor vastbenoemde ambtenaren, van leerkrachten tot politieagenten en magistraten.

Als hun rugzakje met ziektedagen leeg was en een controlearts oordeelde dat werken onmogelijk was geworden, werden ze met ziektepensioen gestuurd. Dat was in principe voor altijd. En hoewel het woordje ‘pensioen’ anders doet vermoeden, ging het zeker niet altijd over ambtenaren die tegen het einde van hun carrière aanschurkten. In uitzonderlijke gevallen ging het ook om twintigers en dertigers. Eens ambtenaren in dat systeem zaten, werd werken niet meer aangemoedigd, zelfs niet als ze een paar jaar later volledig genezen waren.

Toch aan de slag

Sinds juni is dat achterhaalde systeem afgeschaft voor ambtenaren die nu ziek worden. Net als in de privésector zullen ze na verloop van tijd terugvallen op een ziekte-uitkering en worden ze begeleid om stapsgewijs aan het werk te gaan. Voor de 84.922 vastbenoemde ambtenaren die voordien al op ziektepensioen stonden, verandert niets. Zij blijven ‘gevangen’ in dat oude systeem dat hen ooit definitief afgeschreven heeft als ‘te ziek’.

Maar die vlieger gaat eigenlijk niet op. Integendeel: één op de twintig ambtenaren die vandaag op ziektepensioen zijn, blijkt vandaag minstens deeltijds aan de slag te zijn. Dat zijn ruim 4.200 mensen die ooit de stempel kregen nooit meer te kunnen werken. Dat blijkt uit cijfers die Kamerlid Nahima Lanjri (CD&V), pensioenexperte van de partij die al langer het probleem van het ziektepensioen aan de kaak stelt, heeft opgevraagd bij minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA).

“Dit toont aan dat de overheid mensen vaak onterecht veel te snel uit de arbeidsmarkt duwde en niet voldoende inzette op re-integratie”, vindt Lanjri. “Er is zo gigantisch veel kostbaar talent verloren gegaan. Dat is niet alleen een persoonlijk drama, maar ook een groot verlies voor de samenleving.”

Niet bij de oude werkgever

Wie dieper in de cijfers duikt, botst nog op een andere vreemde vaststelling. Van die 4.200 zieke ambtenaren ging bijna 37 procent aan de slag als zelfstandige, klust ruim 34 procent bij via een flexi-job en werkt 32,1 procent als werknemer. Omdat een deel van hen meerdere statuten combineert, ligt de som boven de 100 procent. Het opvallendste? Amper 4,3 procent keert terug als ambtenaar. Met andere woorden: de privésector ontvangt deze mensen met open armen, terwijl hun oude werkgever en de sector waarin ze al expertise hebben de deur dichthouden.

Hoe is dat mogelijk? Volgens de federale pensioendienst en het kabinet van Jambon knelt het schoentje bij de omslachtige aanwervingsprocedure van de overheid. Omdat voltijds werken niet altijd gaat voor wie ziek is (geweest), zoeken ziekte-gepensioneerden vaak naar deeltijdse jobs. “En zelfstandige activiteiten en flexi-jobs bieden meer flexibiliteit qua werkuren, werktempo en taakinhoud. Dat soort van kleine deeltijdse jobs is niet vaak beschikbaar bij de overheid”, is daar te horen.

Bittere financiële noodzaak

Wie op ziektepensioen is en toch weer aan de slag gaat, doet dat niet altijd uit eigen wens maar soms uit bittere financiële noodzaak. Een ziektepensioen wordt immers berekend op het aantal gewerkte jaren. Hoe jonger iemand in dat systeem belandde, hoe lager de uitkering. Wie jonger is dan 40 jaar, moet het gemiddeld doen met een magere 1.500 bruto per maand. Om niet in armoede te belanden, moeten zij wel bijklussen. Alleen botsen ze daarbij op een ingewikkeld kluwen van inkomensgrenzen, waardoor ze goed moeten opletten hoeveel ze werken. Verdienen ze te veel, dan kunnen ze zelfs hun volledige uitkering verliezen.

Wie een ‘gewoon’ ziektepensioen krijgt – wat geldt voor ongeveer 80 procent van deze groep – mag als werknemer jaarlijks 30.312 euro bruto bijverdienen zonder zijn uitkering te verliezen. Als zelfstandige ligt die grens op 24.105 euro netto. Verdien je meer, dan vermindert de uitkering proportioneel. Wie als werknemer bijvoorbeeld jaarlijks 45.000 euro bruto verdient, ziet zijn ziektepensioen gehalveerd worden.

De overige 20 procent van de ziektegepensioneerden – bijna 17.000 mensen – krijgt een aanvullend supplement, omdat hun uitkering anders erg laag zou zijn en de armoede lonkt. ‘In ruil’ mogen zij wel minder bijverdienen: vroeger ging het over amper 1.300 euro bruto per jaar, maar dat plafond werd dit jaar verhoogd naar maximaal 10.432 euro bruto.

Wat met die bijna 85.000 ambtenaren?

Sinds 1 juni belandt geen enkele zieke ambtenaar nog in dat ziektepensioen. Maar wat gebeurt er nu met die bijna 85.000 ambtenaren die wél nog in dat systeem zitten? Niets, in principe. Ze zullen niet plots een controlearts over de vloer krijgen om te kijken of ze alsnog aan de slag kunnen gaan.

“Het is niet evident om in te grijpen op de verworven rechten van zij die vandaag met ziektepensioen zijn”, zegt minister Jambon. “Maar ook deze groep willen we alle kansen geven om indien mogelijk weer aan het werk te gaan. Zo heeft de Federale Pensioendienst alle ziektegepensioneerde personen in mei en juni een brief gestuurd met de mededeling dat ze meer mogen bijverdienen.” Hij wijst er ook op dat dit systeem op termijn volledig zal uitsterven, zeker omdat de meeste ziektegepensioneerden al lang de officiële pensioenleeftijd gepasseerd zijn.

Voor CD&V is een informatieve brief echter onvoldoende. “Wie van de 85.000 Belgen met ziektepensioen is, maar nog kan en wil werken, mag niet aan z’n lot overgelaten worden en moet actief begeleid worden naar een nieuwe functie”, besluit Lanjri. “Alleen zo stoppen we deze verspilling van talent.”

hln.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Meer focus op kennis, daar kunnen we alleen maar blij om zijn

Antwerpen Het schooljaar 2026-2027 trapt vandaag af met ambitie. De nieuwe minimumdoelen voor het lager onderwijs leggen een sterkere focus op het belang van kennis. Iets waar we als ouders en als samenleving alleen maar blij om kunnen zijn.

Net als splinternieuwe boekentassen en huilende kindjes aan de schoolpoort is het een traditie dat er op 1 september veranderingen voor het schooljaar in voege treden. Vandaag gaat het om veel meer dan wat kleine bijsturingen hier en daar. Er zijn de extra taallessen Nederlands voor bijna 3.800 leerlingen in het eerste jaar secundair, maar de grote nieuwigheid zijn vooral de bijgestelde minimumdoelen voor het basisonderwijs.

De rode draad daarbij is opbouw van kennis. Wiskunde, wetenschappen, techniek en taal, van kleuters tot en met het derde leerjaar. Een antwoord op de almaar dalende resultaten van het ooit zo geroemde Vlaamse onderwijs, want in internationale vergelijkende toetsen zakken we steeds verder weg. Met haar ingreep oogstte Vlaams onderwijsminister Zuhal Demir (N-VA) nogal wat kritiek, vooral vanwege de forcing en snelheid waarmee ze die nieuwe doelen oplegt.

Er zijn vanuit het onderwijsveld terechte bedenkingen te maken en groeipijnen zijn bij zulke veranderingen onvermijdelijk. Maar een scherpstelling van de kennisbasis in onze lagere scholen is absoluut nodig. Inzicht begint bij kennis. Inzicht dat onze kinderen nodig hebben om zich te kunnen oriënteren in deze snel veranderende wereld en klaar te zijn voor de grote uitdagingen die ze nog op hun weg zullen vinden.

We zitten midden in wat sommige geschiedkundigen omschrijven als de Vierde Industriële Revolutie, een digitale wervelstorm die door de razendsnelle opkomst van internet, automatisering en artificiële intelligentie in amper enkele decennia onze volledige samenleving transformeert. Kinderen moeten leren omgaan met ideologisch en commercieel aangejaagde algoritmes, met filterbubbels, complotdenken en fake news. De klimaatverandering en leefbaarheid, het energievraagstuk, onze welvaart op peil houden, de vergrijzende maatschappij: ook daar zullen de volwassenen van morgen mee antwoorden op moeten vinden.

De nieuwe minimumdoelen voor taal, wiskunde en wetenschap zullen niet ineens onze onderwijs- en samenlevingsproblemen oplossen. Maar het signaal is duidelijk: de kwaliteit moet omhoog, de verwachtingen hoger, we moeten ambitieuzer durven zijn voor onze kinderen. Om hen voor te bereiden op de toekomst die zij mee zullen vormgeven, is ouderwetse kennis een essentiële bouwsteen. En dat begint al in de eerste schooljaren.

gva.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

“Het regende maden door het terras”: Brugse gemeenteraad blijft verdeeld over afvalplan

Brugge Ook na het politiek verlof blijft het nieuwe afvalplan de Brugse gemeenteraad beroeren. De oppositie klaagt over ‘een regen van maden’ tijdens de voorbije hittegolven, maar schepen Franky Demon (CD&V) is stellig: “Ons systeem werkt.”

“Wie heeft last gehad van maden de voorbije zomer?” Met die vraag polste raadslid Sandrine De Crom (Open VLD) maandagavond naar de aanwezigheid van de kleine ‘ongewenste huisdieren’ als gevolg van het nieuwe afvalplan, dat in juni van kracht ging en waardoor het restafval voortaan slechts tweewekelijks wordt opgehaald.

Kennissen van De Crom werden op een zomerse avond alvast getrakteerd op een ‘regen van maden’ doorheen het terras van de bovenburen. Maar ook zowat alle raadsleden van de oppositiepartijen - N-VA, Vlaams Belang, Groen en Anders.Brugge - kregen er in meer of mindere mate mee te maken. Niet zo op de banken van de oppositiepartijen, waar haast geen enkele hand in de lucht ging.

Restafval gedaald

Het is maar de vraag of de leden van CD&V en Vooruit écht zo veel zindelijker zijn, maar de rondvraag leverde wel het beeld van de avond op. Voorts bracht de discussie maar weinig zoden aan de dijk. Oproepen om de wekelijkse ophaling opnieuw in te voren of te investeren in ondergrondse containers legde schepen van Openbaar Domein Franky Demon (CD&V) eenvoudig naast zich neer.

“Ondertussen maakt 45 procent van de Brugse gezinnen gebruik van de nieuwe gft-bakjes, tegenover 20 procent vroeger met de gft-zakjes”, zegt Demon. “Sinds de invoering van het nieuwe afvalplan wordt ook 124 procent meer gft-afval aangeboden. De hoeveelheid opgehaald restafval is dan weer gedaald met 20 procent. Op basis van de cijfers moeten we dus vaststellen dat ons systeem werkt.”

Ook het foutief buitenzetten van afvalzakken of -bakken gebeurt volgens de schepen steeds minder. “Het aantal zakken dat werd aangeboden in de weken waarin alleen maar gft werd opgehaald, daalde zo van 6,5 procent in juni naar 1,4 procent in augustus.”

nieuwsblad.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

"Vakantie inkorten is bespreekbaar": voorstel voor korter parlementair verlof krijgt bijval bij oppositie én meerderheid

Het voorstel van Anders-voorzitter Frédéric De Gucht om de vakantieperiode voor parlementsleden in te korten, krijgt zowel bij leden van de oppositie als van de meerderheid bijval. "Het is een vreemd signaal dat je als parlement niet samenkomt, wanneer de rest van het land opnieuw volop aan het werk is", zegt Oskar Seuntjens, fractieleider bij Vooruit, aan VRT NWS Kwartier. 

"2 maanden vakantie voor politici, dat is niet meer van deze tijd": Anders-voorzitter Frédéric De Gucht vindt het onbegrijpelijk dat een parlement de hele zomer lang niet samenkomt.

Hij pleit voor een politieke kalender die dichter aansluit bij andere sectoren. Concreet stelt hij een parlementaire verlofperiode voor van 15 juli tot 15 augustus. Op dit moment duurt het reces ongeveer 2 maanden, van 21 juli tot de 3e week van september.

Dat het voorstel in goede aarde valt bij de eigen achterban, hoeft niet te verbazen. "Dit gaat over democratische controle", verklaart Anders-Kamerlid Arthur Orlians. "Je kan natuurlijk ook werken buiten het parlement, maar je kan niet democratisch controleren (lees: ministers ondervragen) als het parlement niet samenkomt."

Tijdens het reces kan het parlement in hoge nood wel samengeroepen worden, maar ook daar wringt een democratisch schoentje, vult Francesca Van Belleghem van oppositiepartij Vlaams Belang aan. "Uiteindelijk is het altijd de regering zelf die beslist wat een 'noodgeval' precies inhoudt." Ze sluit zich dan ook aan bij de oproep van de liberalen voor een korter reces.

Reces is geen vakantie

"Het is niet omdat het parlement sluit dat de dossiers gesloten worden", reageert Eva Demesmaeker van meerderheidspartij N-VA op de oproep. Er wordt ook gewerkt tijdens het reces, benadrukt ze.

"Deze periode biedt de uitgelezen kans om dossiers voor te bereiden, boeken te lezen of gesprekken te voeren waarvoor tijdens het politieke jaar minder tijd is. Het is dus niet zo dat wij 2 maanden alle tijd van de wereld hebben. Integendeel: we moeten ons nog haasten om tegen de start van de politieke kalender al het inhoudelijke werk klaar te hebben."

Ook mentaal is even rust belangrijk, vindt ze. "In de commissies en tijdens plenaire vergaderingen staat de boel constant 'op spanning'. Je moet jezelf de hele tijd verdedigen en dat is in deze periode net iets minder. Ook de pers werkt op een rustiger tempo, heb ik de indruk."

>Ik heb aan het zwembad boeken gelezen van Michel Maus

Oskar Seuntjens (Vooruit), fractieleider in de Kamer

Oskar Seuntjens, fractieleider in de Kamer voor Vooruit, treedt Demesmaeker bij. "Ik ben op vakantie geweest naar Italië, maar ik ga binnenkort Financiën opvolgen, dus ik heb aan het zwembad boeken gelezen van Michel Maus. Maar ik doe dat met veel plezier: volksvertegenwoordiger, dat ben je volgens mij altijd."

"Een groot deel van het werk gebeurt in het parlement, waar ook de debatten gevoerd worden. Maar wat ik nog belangrijker vind, is dat je ook de tijd neemt om in het veld te staan of naar organisaties te gaan. En ook om te studeren, want we hebben het vaak over heel complexe dossiers. Dus ook tijdens het reces werk ik. En ik denk dat de meeste parlementsleden dat doen."

Kortere vakantieperiode is "bespreekbaar"

Hoewel Seuntjens dus hoopt dat parlementsleden het reces nuttig invullen, begrijpt hij ook de oproep van Anders-voorzitter De Gucht. "In september 'vervroegd samenkomen', dat is natuurlijk een beetje belachelijk", verwijst hij naar de discussie over de regionale luchthavens eerder deze zomer.

Begin augustus werd aangekondigd dat de Commissie Mobiliteit van het Vlaams Parlement vervroegd bijeen zou komen over de kwestie, maar de zitting zal pas op 10 september plaatsvinden.

Seuntjens geeft aan dat zijn partij zeker bereid is om te bekijken of het parlementaire werk begin september al kan hervat worden, in plaats van midden of eind september. "Het is een vreemd signaal dat je als parlement niet samenkomt, wanneer de rest van het land opnieuw volop aan het werk is."

Ook het voorstel van de liberalen - parlementair reces van 15 juli tot 15 augustus - is voor de socialisten "bespreekbaar". 

vrt.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

Drie hooggeplaatste magistraten moeten zich verantwoorden bij hof van beroep na fraude bij magistratenexamen

Brussel/Gent/Ieper/Brugge Drie magistraten die betrokken zouden zijn geweest bij de fraude op het magistratenexamen van twee jaar geleden, zijn door de Brusselse Kamer van Inbeschuldigingstelling doorverwezen naar het hof van beroep. Ze zullen er zich moeten verantwoorden voor belangenneming en schending van het beroepsgeheim. 

In maart 2024 raakte bekend dat er fraude was gepleegd bij het magistratenexamen van dat jaar. Uit het onderzoek bleek dat de Gentse advocaat-generaal Carl B. op voorhand de opgaven zou hebben bezorgd aan een parketjuriste die meedeed aan het examen. Carl B. was op dat moment ook lid van de Hoge Raad voor Justitie. 

Vragen doorgespeeld aan eigen kinderen

B. zou de vragen ook hebben doorgespeeld aan de Ieperse afdelingsprocureur Johan L. en aan de West-Vlaamse magistraat Yves S., de Brugse afdelingsprocureur. Beide mannen zouden de opgaven hebben doorgegeven aan hun kinderen, die meededen met het examen. 

Het Brusselse parket-generaal had er bij de Kamer van Inbeschuldigingstelling op aangedrongen om zowel Carl B., Johan L., Yves S. en de Gentse advocaat-generaal Johanna. E. door te verwijzen naar het hof van beroep voor een strafproces. De vrouw zou de casus van een van de examens hebben doorgegeven aan twee parketjuristen, maar ze werd maandag buiten vervolging gesteld en zal zich niet voor de rechter moeten verantwoorden. 

Tuchtsancties

Een datum voor het proces is er nog niet. De drie magistraten moeten er zich verantwoorden voor feiten van belangenneming en schending van het beroepsgeheim. Belangenneming doet zich voor wanneer een ambtenaar zich mengt in zaken die onverenigbaar zijn met zijn officiële functie.

De drie betrokken kregen eerder al een tuchtsanctie opgelegd. Zowel Carl B., Johan L. als Yves S. werden intussen ontslagen.

gva.be
u/Inevitable_Jello1252 — 1 month ago

‘Zorgt de fiscus bewust voor onzekerheid over de meerwaardetaks?’

Vooral doe-het-zelfbeleggers zijn de dupe. Willen zij succesvol uit het vizier van de fiscus blijven, dan zullen ze heel strikt binnen de lijntjes moeten kleuren.

De nieuwe meerwaardebelasting beroert beleggers. De belasting lijkt nochtans eenvoudig. 10 procent belasting op gerealiseerde meerwaarden op aandelen, obligaties, bitcoins, enzovoort. De belastbare meerwaarde is het verschil tussen de verkoop- en de aankoopprijs. Voor beleggingen van voor 2026 wordt gedaan alsof men ze kocht op 31 december 2025. Dat is het zogenaamde ‘fotomoment’. Tot slot krijgt iedereen een jaarlijkse vrijstelling op de eerste 10.000 euro meerwaarde, wat neerkomt op 1.000 euro.

Heel eenvoudig dus. Althans zo dacht de politiek erover. Die naïeve illusie heeft niet lang geduurd. Onmiddellijk bij het bekendmaken werd duidelijk dat de doos van Pandora was geopend. Breed maatschappelijk kwam veel commentaar. Maar de politiek bleef doofstom. Op 21 april 2026 werd de meerwaardebelasting ingevoerd, retroactief naar 1 januari 2026.

Sedertdien is de chaos compleet. De recent gepubliceerde circulaire van 22 juli 2026 moet de onzekerheid wegnemen. Maar daarin slaagt de fiscus niet. De meer dan zeventig pagina’s uitleg maken alleen duidelijk dat het complex was, complex is en complex blijft.

Nochtans had de circulaire bepaalde grote onzekerheden eenvoudig kunnen wegnemen. Denk bijvoorbeeld aan de vraag wanneer beleggen speculatie wordt. Die vraag houdt tienduizenden beleggers bezig. Maar de circulaire besteedt er slechts een halve pagina aan. Die beperkte uitleg betreft bovendien niet de klassieke belegger. Neen, de circulaire focust op cryptobeleggers.

Wanneer een belegger ‘fiscaal’ een speculant wordt, is fiscaal belangrijk. Bij speculatie is het tarief 33 procent (vermeerderd met de aanvullende gemeentebelasting), is er geen ‘fotomoment’ en geen vrijstelling. Voor de gewone belegger geldt een tarief van 10 procent, een fotomoment en een vrijstelling van 10.000 euro. Dag en nacht verschil dus.

De belegger moet die fiscale onzekerheid zelf managen door een bewuste keuze te maken. De minste onzekerheid heeft de belegger die belegt in één of enkele kapitaliserende beveks of trackers *(*ETF’s of exchange traded funds) en die lang aanhoudt. Ook indien je het beleggen overlaat aan een professionele beheerder, lijkt het risico op speculatie beperkter. In de feiten zal ook een belegger die alle meerwaarden aan de bron laat belasten (opt-in) minder risico lopen. Maar die betaalt dan sowieso te veel belasting. Minderwaarden en de vrijstelling worden immers niet in rekening gebracht.

Vooral doe-het-zelfbeleggers zijn de dupe. Willen zij succesvol uit het vizier van de fiscus blijven, dan zullen ze heel strikt binnen de lijntjes moeten kleuren. Belangrijke overwegingen zijn dat men slechts met een beperkt deel van het financieel gezinsvermogen mag beleggen, er nooit geleend mag worden om te beleggen, er een buy-and-holdstrategie wordt gevolgd, het aantal transacties het best wordt beperkt en complexe financiële producten beter mijdt.

En zo is de recente circulaire een gemiste kans om klassieke goedehuisvaderbeleggers fiscaal uit de wind te zetten. Dat is niet gebeurd. Sommigen zeggen dat dit bewust niet is gebeurd. Onzekerheid levert immers meer belasting op. Maar zou de fiscus zo cynisch zijn? Wie zal het zeggen.

trends.knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 2 months ago

Deze hackers hebben zelfs een dode op hun geweten, en richten nu hun pijlen op België: wat is Qilin?

Minstens vijftien slachtoffers maakten ze al in België, waaronder meubelketen WEBA en reisorganisatie Connections. En daar komen vermoedelijk nog slachtoffers bij: de hackers van ‘Qilin’ zijn de nieuwe schrik van onze bedrijven. HLN-techexpert Kenneth Dée maakt een portret van deze meedogenloze tegenstanders, die zelfs aan een dode gelinkt worden. “Geld is niet hun enige motief.”

Het verhaal van een Qilin-aanval begint meestal niet bijster spectaculair: een IT’er die op maandagochtend merkt dat bepaalde servers of computers traag reageren. Een kassasysteem dat plots niets meer doet, een mailsysteem dat geen berichten meer verzendt. Onschuldig en oplosbaar, lijkt het.

Maar dan volgt de echte klap. Iemand opent een onbekend tekstbestand op het bureaublad of in een servermap: “Je netwerk en systemen zijn versleuteld. We hebben gevoelige gegevens van uw systeem gedownload. Persoonlijke data van werknemers, financiële bestanden en gegevens van klanten.”

Onderaan staat een link naar een verborgen website. Daar wacht Qilin geduldig, op een chatbericht. En op geld om ‘het probleem te laten verdwijnen’.

Geen amateurs

Qilin is geen eenzame tiener in een hoodie die vanop een zolderkamer rijk probeert te worden, maar een grote cyberbende die sinds 2022 actief is. De groep dook eerst op onder de naam Agenda. Maar na enkele maanden vonden ze ‘Qilin’ stoerder klinken. Dat staat voor een mythisch beest uit de Chinese folklore, onder andere symbool voor ‘rechtvaardigheid’.

Achter die naam gaan volgens het Centrum voor Cybersecurity (CCB) criminelen schuil uit het zogeheten GOS-milieu: een groep van voormalige Sovjetlanden rond Rusland, zoals Rusland zelf, Wit-Rusland en verschillende Centraal-Aziatische staten. Inlichtingendiensten zijn het erover eens dat de leden van Qilin vooral Russisch spreken.

>Qilin maakt bijna dagelijks nieuwe slachtoffers. Ze zijn momenteel de meest actieve cybercriminelen ter wereld

Sinds hun opkomst in 2022 hebben ze volgens datzelfde rapport wereldwijd al meer dan 1.800 slachtoffers geclaimd, waaronder dus minstens vijftien Belgische organisaties. De meest recente is meubelketen WEBA, die onder andere klantgegevens en informatie uit de boekhouding zag lekken.

Op bestelling

Qilin maakt bijna dagelijks nieuwe slachtoffers. Ze zijn momenteel de meest actieve cybercriminelen ter wereld. Ze doen dat niet allemaal zelf. Een kern van de groep bouwt de software die computers en servers kan gijzelen. Die stellen ze ter beschikking van andere criminelen.

Dat zijn de handlangers, die uiteindelijk inbreken bij bijvoorbeeld Connections. Wie een slachtoffer binnenhaalt dat uiteindelijk betaalt, mag zelf tot 85 procent houden. De rest gaat naar de toplui bij Qilin. Het gaat om een goed geoliede machine.

Zelfs dode gevallen

Dat Qilin geen enkel taboe kent, is intussen duidelijk. Twee jaar geleden vielen ze Synnovis aan, een Londens labo dat bloedstalen analyseert voor ziekenhuizen. Duizenden operaties en consultaties moesten worden uitgesteld, artsen konden dagenlang geen bloedresultaten zien.

Volgens de Britse gezondheidsdienst droeg die aanval bij tot de dood van minstens één patiënt, omdat een cruciale bloedtest veel te laat werd uitgevoerd. Dat was niet toevallig, zo zei de bende zelf in interviews: Qilin wist dat patiënten geraakt zouden worden en precies dát moest de druk op het slachtoffer verhogen om te betalen.

>Hoeveel losgeld betalen bedrijven?

>Volgens het CCB levert ransomware wereldwijd nog altijd gigantische bedragen op. De mediaan van wat bedrijven effectief betalen bedraagt ongeveer 1 miljoen dollar, of 857.000 euro. Dat is minder dan de vraagprijs, die vaak enkele miljoenen is.

>Slachtoffers slagen er vaak in om af te dingen door onderhandelingen. Bijna de helft van de getroffen organisaties betaalt effectief. De kost loopt veel hoger op dan enkel het losgeld: reputatieschade, systemen vervangen en herstellen en externe experts inhuren kosten ook een stevige duit.

Politieke boodschap

Meestal draait cybercriminaliteit vooral om de centen: een snelle manier om miljonair te worden. Voor wie technisch sterk is en in een land woont met weinig perspectief op een mooi leven, is de stap naar hacken snel gezet. Maar bij Qilin draait het om méér dan cryptomunten en rentenieren in Dubai.

De hackers hebben een uitgesproken politiek activisme. In eigen communicatie noemen ze zich ‘patriotten’ en ‘politieke activisten’. Ze rechtvaardigen aanvallen als vergelding voor landen die Rusland volgens hen dwarsbomen. Tegelijk kiezen ze opvallend vaak doelwitten in rijke westerse economieën, zoals ziekenhuizen, overheden, universiteiten en bedrijven. En ze laten Rusland en bevriende GOS-staten net met rust.

Qilin staat mogelijk nog maar aan het begin van zijn opmars. De bende groeit jaar na jaar, slorpt ervaren criminelen van andere cybercriminele groepen op en richt zich bewust op landen als het onze. Het is een naam die we nog zullen horen.

hln.be
u/Inevitable_Jello1252 — 2 months ago

Weg privacy na 11 september 2001: wie bewaakt de bewaker?

Sinds 9/11 is het spanningsveld tussen privacy en veiligheid wereldwijd steeds groter geworden. Hoe zit het met jouw en mijn (recht op) privacy?

Wat doet terreur met privacy? Met de War on Terror en de Patriot Act komt de nadruk in Amerika na 9/11 te liggen op veiligheid in het kader van terrorisme. De onthullingen van Snowden in 2013 maken duidelijk hoe ver de Amerikaanse overheid wil gaan om die veiligheid te garanderen, ten koste van de privacy van haar burgers. Ook in België komt het recht op privacy, vrije meningsuiting en vrijheid in het gedrang sinds de aanslagen in zowel Amerika als in eigen land.

>War on terror

>Op 9 september 2001 kijkt de hele wereld vol afschuw toe hoe – live op tv – Amerika in het hart getroffen wordt met een van de bloedigste terreuraanslagen in de geschiedenis. Na de verbijstering volgt de vergelding met de jacht op Osama bin Laden, de strijd tegen Al-Qaeda (en later IS), de oorlog tegen Afghanistan en Irak… Toenmalig president George W. Bush introduceert de ‘war on terror’.

>De ‘war on terror‘ gaat ervan uit dat terreur van alle tijden is, uit alle windstreken komt en dat terroristen van over de hele wereld in oorlog zijn met de wereld. De vijand is echter geen persoon, regime of religie, maar terrorisme an sich.

>Na 9/11 werd het spanningsveld tussen veiligheid en privacy steeds groter. Tot op vandaag zijn de naweeën van 9/11 voelbaar. De impact mag dan wel gigantisch zijn, toch is de aanslag geen unicum.

Orwelliaanse veiligheidsstaat in Europa

Een groot deel maatregelen uit de verschillende Belgische antiterreurwetten die er sinds 2015 zijn, zijn volgens rapporten van Human Rights Watch en Amnesty International in strijd met de rechten van de mens. Vage omschrijvingen zoals ‘reizen met terroristische bedoelingen’ of ‘aanzetten tot terrorisme’ kunnen volgens hen leiden tot willekeur en het viseren van bepaalde groepen. Voor de strafbaarstelling van ‘aanzetten tot terrorisme’ is het bovendien niet meer noodzakelijk dat het verspreiden van de boodschap effectief een terroristische daad zou kunnen veroorzaken.

Dit artikel verscheen in Knack Historia: De erfenis van 9/11.

Je kan je afvragen of de vrije meningsuiting hier beperkt wordt. Ook het recht op vrijheid wordt disproportioneel ingeperkt na de aanslagen in België, zeggen Amnesty en Human Rights Watch. Zo worden de criteria voor voorlopige hechtenis uitgebreid. Een onderzoeksrechter mag, bij terrorisme-gerelateerde misdrijven, de voorlopige hechtenis bevelen zonder dat er ernstige redenen bestaan om te vrezen dat de verdachte nieuwe misdrijven zal plegen of zich aan het gerecht zal onttrekken. Ook de maximale aanhoudingstermijn zonder bevel van de rechter is verlengd van 24 naar 48 uur. De groeiende focus op zogenoemde ‘pre-misdrijven’ waarbij mensen vervolgd worden zonder dat ze werkelijk strafbaar gedrag stellen, doet Amnesty zelfs spreken over een Orwelliaanse veiligheidsstaat in Europa.

Is Big Brother watching?

Ook Rosamunde Van Brakel, criminologe gespecialiseerd in privacy en surveillance aan de VUB, maakt zich zorgen over de recente ontwikkelingen, en dan vooral in het kader van technologie. ‘Ook vóór 9/11 was er al een toename in het gebruik van surveillancetechnologie, maar telkens als er terroristische aanslagen zijn, zie je dat die evolutie een boost krijgt. Politici hebben dan een goede reden om de bevolking te overtuigen dat het invoeren van dat soort technologieën nodig is, een drukkingsmiddel om de wetgeving aan te passen.’

Van Brakel ziet de grenzen van wat kan steeds verder opschuiven. ‘Je ziet dat men, wanneer bepaalde nieuwe technologieën botsen met de privacywetgeving, gaat kijken hoe de wet kan worden aangepast zodat die technologieën toch gebruikt kunnen worden. Daar wordt eigenlijk vrij nonchalant mee omgegaan. Als er in de toekomst een keer een autoritaire overheid is, dan is de hele infrastructuur daarvoor aanwezig. Er wordt te weinig stilgestaan bij het feit dat dat een enorm gevaar is voor de toekomst.’

>Als er in de toekomst een keer een autoritaire overheid is, dan is de hele infrastructuur daarvoor aanwezig.

Rosamunde Van Brakel, Criminologe gespecialiseerd in privacy en surveillance aan de VUB

Dynamische databank

Een voorbeeld daarvan is de dynamische databank die in 2016 gecreëerd wordt. Die databank, waar gegevens van mogelijke terroristen worden bijgehouden, voldoet volgens Amnesty niet aan de privacy- en databeschermingsmaatregelen, evenals de lijst met terreurverdachten van het OCAD.

Even problematisch op het vlak van privacy is de dataretentiewet uit 2016. Die wet verplicht telecomondernemingen en -operatoren om metadata van hun klanten voor twaalf maanden te bewaren en indien de overheid dat vraagt, die te overhandigen in het kader van terrorismegerelateerde onderzoeken. In 2021 zei Van Brakel nog: ‘Het kernprobleem is dat je niet aan massasurveillance mag doen. Dat probleem gaan ze nu omzeilen door enkel te kijken naar plekken waar veel mensen wonen en kritische infrastructuur, zogezegd meer targeted surveillance dus, maar in de praktijk zie je dat ze in dat geval alsnog van bijna iedereen data kunnen bijhouden.’

‘Ook het gebruik van camera’s en drones bij de politie is niet meer proportioneel in België,’ zegt Paul De Hert, specialist privacy en Europees strafrecht aan de VUB. Op dat vlak blijven arresten zoals dat over de dataretentiewet echter uit. ‘Men zou hopen dat het Grondwettelijk Hof tussenkomt wanneer de privacy in het gedrang komt, maar we zien dat het Belgische Hof alleen maar moedig is als het Europese Hof dat is,’ volgens De Hert.

Wie bewaakt de bewaker?

De veiligheidsdiensten moeten de mogelijkheid hebben om de privacy in uitzonderlijke gevallen te schenden, maar Van Brakel maakt zich zorgen over het gebrek aan democratische waarborgen als het op privacy aankomt. ‘Men denkt vooral aan hoe die surveillancetechnologieën binnen het wettelijk kader gepast kunnen worden, maar niemand praat over hoe ze democratische waarborgen kunnen voorzien. Ik vind dat een verkeerd uitgangspunt.’

Een ander probleem bij de invoer van nieuwe surveillancetechnologieën is een gebrek aan bewijs van de effectiviteit ervan, meent van Brakel. Er gaat bovendien te weinig aandacht naar de vraag wat de bredere impact voor de maatschappij is, zegt ze. ‘Je ziet vaak dat er surveillancetechnologieën worden ingevoerd waar je op ethisch en sociaal vlak heel veel vragen bij kan stellen, zeker als je beseft dat er gewoon geen bewijs is dat het werkt en dat er ook niet wordt geïnvesteerd in onderzoek om te zien of het werkt.’

Ook de transparantie van surveillancetechnologieën is een pijnpunt. Want niet alleen burgers kunnen zich niet voldoende informeren over bepaalde veiligheidsmaatregelen, zelfs de bestaande controleorganen zoals Comité I en de gegevensbeschermingsautoriteit weten niet alles. ‘Natuurlijk kunnen de intelligentiediensten niet volledig transparant zijn, maar ze zouden wel volledig transparant moeten zijn naar een toezichtscommissie toe bijvoorbeeld.’

Aandacht voor privacy

Dat privacy zal verdwijnen in de toekomst, gelooft Van Brakel niet. ‘Langzaamaan worden mensen zich bewuster van het belang van digitale privacy.’ Ook op scholen ziet ze een hoopvolle tendens met meer aandacht voor mediawijsheid en privacy. ‘Als je kijkt naar de opinieonderzoeken zie je dat er, zeker ook bij jongeren, eigenlijk heel veel privacybewustzijn is.’

>De ‘PATRIOT Act’ (2001) in 10 punten

>• Amerikaanse wet die terroristen opsporen en bestraffen gemakkelijker moet maken in de nasleep van de aanslagen van 9/11
• Omstreden wegens verregaande gevolgen voor privacy en persoonlijke vrijheden van burgers
• Verhoogde straffen voor terroristische en terrorismegerelateerde misdrijven
• Grotere slagkracht voor de overheid om informatie van burgers te verzamelen, te bewaren en te delen met andere overheidsdiensten
• Breder toegestaan gebruik van telefoontaps en ‘roving wiretaps’, waarbij één bevel van de rechter volstaat om de communicatietoestellen van een persoon te volgen
• Huiszoekingen zonder medeweten van de bewoners: de kennisgeving van het huiszoekingsbevel mag voor onbepaalde duur worden uitgesteld
• Opvraging van ‘relevante’ bedrijfsgegevens door de overheid
• Immigranten kunnen voor onbepaalde tijd worden aangehouden, ook zonder duidelijk bewijs dat ze bij terroristische misdrijven betrokken waren
• Verschillende keren aangepast en verlengd, onder andere door president Obama in 2011
• In 2015 vervangen door de Freedom Act die veel van de PATRIOT Act behoudt, maar restricties oplegt aan de massacollectie van data door de Amerikaanse inlichtingendienst NSA
• Voorstel van N-VA tot ‘Belgische Patriot Act’ wordt in 2015 door andere partijen afgewezen

knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 2 months ago

‘Baby’s of AI: wie betaalt ons pensioen?’

‘De vergrijzing dwingt ons tot hervormen. Maar wat als artificiële intelligentie de aannames achter die consensus sneller herschrijft dan de hervormingen zelf?’ schrijft Hélène Hannecart van de Vrijdaggroep.

Op de lagere school leerde ik dat de wereld te veel mensen telde. Paul Ehrlich voorspelde hongersnoden, China voerde haar éénkindpolitiek in en dichter bij huis pleitte de filosoof Etienne Vermeersch voor een actief beleid van geboortebeperking. Vandaag is dat sentiment omgeslagen: de beroepsbevolking krimpt, de vergrijzing zet de welvaartsstaat onder druk en het recept luidt nu net: méér kinderen.

Dit recept steunt op de aanname dat arbeidskrachten nodig zijn om pensioenen te betalen. Maar wat als artificiële intelligentie (AI) die aanname onderuit haalt en niet meer kinderen, maar meer technologie de welvaartsstaat overeind houdt?

Productiviteitswinsten zijn er al op microniveau

Wie met een krimpende bevolking evenveel welvaart wil creëren, moet productiever worden. Europa zet daarvoor in op herindustrialisatie en innovatie. En sinds de komst van ChatGPT en Claude komt de belofte van productiviteitswinst niet langer alleen van nieuwe fabrieken, maar ook van een nieuwe soort intelligentie. En die belofte is al meetbaar: onderzoekers zagen de productiviteit van vijfduizend klantendienstmedewerkers met gemiddeld 15 procent stijgen na de invoering van een AI-assistent. Programmeurs werkten hun taken zelfs dubbel zo snel af.

Hoe die winsten op microniveau zich vertalen naar de hele economie, is echter minder duidelijk. Nobelprijswinnaar Daron Acemoglu schat het effect op ongeveer 1 procent extra bbp over tien jaar, terwijl Goldman Sachs op diezelfde periode rekent op 7 procent. 

Tegelijkertijd loopt de rekening van de vergrijzing op. De Belgische Studiecommissie verwacht stijgende sociale uitgaven tot 2070 rekening, zelfs bij een gestage productiviteitsgroei van 1.1%. Komen AI-winsten daarbovenop, dan krimpt die factuur aanzienlijk. Blijft de revolutie uit, dan blijft ze vrijwel intact.

Maar zelfs als AI de nodige productiviteitswinsten boekt, zijn we er nog niet. Pensioenen worden immers betaald uit bijdragen op lonen. Naarmate AI welvaartscreatie loskoppelt van menselijke arbeid, verschuift het vraagstuk van ’te weinig handen’ naar ‘hoe belasten en verdelen we welvaart die niet langer via loonbrieven stroomt’.

Medische doorbraken verergeren de vergrijzing

De tijd zal uitwijzen of AI onze productiviteit werkelijk verhoogt, maar diezelfde technologie belooft ons alvast ook een langer leven. Het bekendste voorbeeld is AlphaFold, een AI-model van Google DeepMind dat een vijftig jaar oud raadsel kraakte: voorspellen hoe de eiwitten in ons lichaam zich vouwen. Die doorbraak leverde de makers de Nobelprijs voor Scheikunde op en leverde wetenschappers een scherper zicht op hoe ziektes ontstaan. Wie vandaag een pensioenleeftijd vastlegt, doet dat voor een levensverwachting die tegen dan misschien weer opgeschoven is.

Waar brengt dit ons?

AI kan de vergrijzing dus langs twee kanten tegelijk herschrijven. Hogere productiviteit kan de economische druk van een krimpende beroepsbevolking verlichten, terwijl medische vooruitgang die druk kan vergroten door ons langer te laten leven. Hoe die twee krachten zich tot elkaar zullen verhouden, is vandaag moeilijk te voorspellen, maar als beide beloften van AI werkelijkheid worden, ontstaat een vreemde nieuwe wereld: een economie die groeit zonder dat veel mensen ervoor hoeven te werken, terwijl we langer leven.

Betere statistieken

Dat dit nog futuristisch klinkt, is begrijpelijk. Dit is dan ook geen pleidooi om noodzakelijke hervormingen uit te stellen, maar wel om na te denken hoe een razendsnel evoluerende technologie de aannames erachter kan veranderen. Dat begint bij beter meten hoe AI onze economie nu al beïnvloedt, want in de officiële statistieken valt dat nauwelijks te lezen. Goldman Sachs schat dat zo’n 115 miljard dollar aan AI-gedreven groei niet eens in de Amerikaanse bbp-cijfers terug te vinden is. Europa kampt met hetzelfde probleem: de sectorindeling waarop onze statistieken steunen, werd vastgelegd in 2022 voor de lancering van ChatGPT en wordt pas rond 2040 herzien. Een bedrijf dat vandaag AI-modellen ontwikkelt of verhuurt, past in geen enkel hokje waardoor AI-gedreven verschuivingen vaak lang onzichtbaar blijven. 

Tegen 2030 weten we hopelijk meer: hoeveel welvaart AI creëert, en hoeveel levensjaren ze ons erbij geeft. Op de lagere school leerde ik dat de wereld te veel mensen telde. Die les bleek fout. Misschien sneuvelt de les van vandaag, dat er te weinig mensen zijn, even goed.

Hélène Hannecart is burgerlijk ingenieur en werkt voor een investeringsfonds. Ze is lid van de Vrijdaggroep.

knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 2 months ago

Van migratie tot de Sahara: Marokko heeft België steeds meer in zijn greep

Marokko is voor België uitgegroeid tot een cruciale partner voor migratie, justitie en economie. Maar aan die samenwerking hangt steeds vaker een politiek prijskaartje. ‘Marokko speelt zijn troeven uit en Europese landen wachten verdeeld af.’

‘De Spaanse regering mag met haar incompetentie Europa niet meesleuren in haar val. We moeten Spanje gedeeltelijk uit de Schengenzone zetten.’ MR-voorzitter [Georges-Louis Bouchez ](https://www.knack.be/nieuws/wereld/van-migratie-tot-de-sahara-marokko-heeft-belgie-steeds-meer-in-zijn-greep/Alsalibi wijst erop dat andere Europese landen wel zulke evacuaties organiseren. ‘Frankrijk heeft afgelopen maandag nog een groep studenten geëvacueerd. Wij vragen de Belgische regering om dezelfde procedure te volgen. We hopen dat de Belgische regering een nieuw hoofdstuk kan openen voor ons academische leven. Hopelijk kunnen we nog vóór de start van het nieuwe semester vertrekken.)nam geen blad voor de mond nadat 80.000 migranten eind juli vanuit Marokko de Spaanse exclave Ceuta bestormd hadden. Het soepele asielbeleid van de Spaanse premier Pedro Sánchez, zo vond Bouchez, was de belangrijkste aanleiding van die feiten. CD&V-kopman Sammy Mahdi deelde zijn analyse.

Richting Marokko bleven de verwijten uit. ‘Migratie mag niet als wapen worden ingezet’, liet premier Bart De Wever (N-VA) optekenen, maar hij noemde Marokko niet excpliciet. Er zijn ook geen sluitende bewijzen dat het land doelbewust achter de bestorming zou zitten. Maar had Marokko niet meer kunnen doen? Het heeft de voorbije jaren meer dan 300 miljoen euro van de Europese Unie gekregen voor grensbeheer en beschikt over goed uitgeruste veiligheidsdiensten.

Interpol

Dat bewuste stilzwijgen illustreert hoe de machtsverhoudingen tussen Europa en Marokko steeds meer aan het kantelen zijn – in het voordeel van die laatste, benadrukt Paolo De Mas, voormalig directeur van het Nederlands Instituut in Marokko en huidig kopman van het Centrum voor Terrorisme en Contraterrorisme in Den Haag. ‘Marokko is de afgelopen tien jaar een almaar belangrijkere geopolitieke factor geworden’, zegt De Mas. ‘En dus heeft Europa Marokko steeds meer nodig. Marokko kan achteroverleunen en vragen wat het wil – en dat doet het ook.’

‘Als de Marokkaanse machthebbers enig misprijzen of kritiek merken, of als ze denken dat de belangen van hun land onvoldoende worden behartigd, dan heeft dat repercussies. Landen als België en Nederland, met een grote Marokkaanse diaspora, moeten rekening houden met dat herwonnen Marokkaans zelfbewustzijn – dat is de nieuwe realiteit, of we dat nu leuk vinden of niet.’

>‘Landen als België en Nederland, met een grote Marokkaanse diaspora, moeten rekening houden met dat herwonnen Marokkaans zelfbewustzijn.’

Paolo De Mas, voormalig directeur Nederlands Instituut in Marokko

België voelt die nieuwe realiteit al langer, vooral als het gaat over migratie, politie en justitie. Er werden de afgelopen jaren veel Marokkaanse onderdanen opgepakt die illegaal in ons land verbleven – van alle nationaliteiten vormen ze zelfs de grootste groep. Marokko staat ook in de top vijf van nationaliteiten in Belgische dossiers over georganiseerde criminaliteit – het gaat dan vooral over drugs, witwassen en heling. Ook in de gegevensbank van het OCAD, waarin mensen staan die in België worden opgevolgd wegens terrorisme of radicalisering, vormen Marokkanen de grootste groep buitenlanders.

Met geen enkel land buiten de Europese Unie wisselde de Belgische politie de voorbije jaren meer berichten uit via Interpol. Marokkanen vormen ook de grootste niet-Belgische groep in de gevangenissen: in 2023 waren er 1083 gevangenen met de Marokkaanse nationaliteit, meer dan de helft van hen heeft geen recht op verblijf. Nergens buiten de EU werden meer hits geregistreerd op Belgische Interpol-signaleringen dan in Marokko. En omdat Marokko eigen onderdanen niet uitlevert, is België afhankelijk van Marokkaanse bereidheid om voortvluchtigen zelf aan te pakken. België heeft Marokko dus nodig, en dat speelt Rabat uit.

Afgewezen asielzoekers

De samenwerking over migratie en veiligheid tussen Rabat en Brussel liep sinds 2016 vrijwel volledig vast. De coronapandemie zou een rol spelen, maar vooral de politieke relaties raakten onderkoeld. Ons land liet, bijvoorbeeld, de Marokkaanse ambassadeur in Polen afluisteren omdat die betrokken zou zijn bij pogingen om Europarlementsleden om te kopen. Er liep ook een onderzoek naar illegale activiteiten van Marokkaanse financiële instellingen op Belgische bodem. De voormalige justitieminister Vincent Van Quickenborne (Anders) noemde de Grote Moskee de lange arm van Rabat in Brussel. Tot slot was er een veelbesproken documentaire van de Franstalige openbare omroep RTBF over de verborgen politieke invloed van Marokko in België.

Tegen die achtergrond daalde ook de terugkeer of readmissie: in 2021 nam Marokko slechts 23 afgewezen asielzoekers terug. Het Marokkanse migratiewapen, zo noemde de Belgische diplomatie het in 2024: ‘Marokko gebruikt readmissie, nu nog meer dan in het verleden, als instrument van het buitenlands beleid om andere doelen te verwezenlijken.’

Pas toen de regering-De Croo midden 2024 probeerde haar band met Marokko te verbeteren en zelf toegevingen deed, begon het aantal terugnames bescheiden te stijgen: in heel 2024 ging het om 232 personen In 2025 beloofde Marokko om dagelijks tot acht onderdanen zonder verblijfsrecht terug te nemen. Dat doel wordt zelden behaald – vorig jaar ging het om 266 readmissies – maar dat komt soms óók door de traagheid van de Belgische diensten. Terugname gebeurt bovendien alleen via Royal Air Maroc: Rabat wil de indruk wekken dat het zelf de touwtjes in handen heeft. Tot slot is Marokko sinds kort veel meer bereid om Marokkaanse onderdanen die in België gezocht worden op eigen bodem te vervolgen.

Royal Air Maroc

De verbeterde samenwerking blijft broos. ‘Als België onvoldoende politiek kapitaal in Marokko pompt, dan gaat het snel bergaf’, meent een welingelichte bron. Dat gebeurt vandaag enigszins: buitenlandminister Maxime Prévot (Les Engagés) en justitieminister Annelies Verlinden (CD&V) waren recent in het land. Maar volstaat dat wel?

De regering-De Wever wilde sinds haar aantreden al tweemaal in groepsverband naar Marokko, zoals de regering-De Croo dat in het voorjaar van 2024 deed. Maar de eerste poging vorig jaar werd afgeblazen. Volgens meerdere bronnen was dat omdat Bouchez vlak voordien, en zonder dat met de regering af te stemmen, in Marokko opdook en daar de Belgische onderhandelingspositie verkwanselde. ‘Onderhandelingen moeten achter gesloten deuren gebeuren, door ministers. En niet door partijkopstukken voor de televisiecamera’s’, aldus een bron. Een tweede poging in april dit jaar liep mis omdat het kabinet-De Wever en het kabinet-Prévot in een ruzie verwikkeld raakten over wie de leiding van de reis op zich moest nemen.

Westelijke Sahara

Marokko wil dus best met België samenwerken, maar niet uit liefdadigheid. Rabat wenst niet louter als grenswachter van Europa te worden beschouwd, maar wil respect en toezeggingen in ruil. Met stip bovenaan de Marokkaanse agenda staat de aanspraak op de Westelijke Sahara.

Dat is een woestijngebied dat Rabat al ruim vijftig jaar grotendeels controleert. Maar de Sahrawi, de lokale bevolking, en de bevrijdingsbeweging Polisario vechten er, met steun van Algerije, voor onafhankelijkheid. ‘Dat is vandaag de heilige zaak, de allesoverheersende leidraad voor het Marokkaanse handelen’, benadrukt Marokko-kenner De Mas. De Marokkaanse koning Mohamed VI formuleerde het in een toespraak in 2022 zo: ‘De Sahara-kwestie is dé lens waardoor Marokko naar de wereld kijkt. Ze vormt de eenvoudige maatstaf waarmee ons land de oprechtheid van vriendschap en de doeltreffendheid van partnerschap beoordeelt.’

>Marokko speelt zijn troeven uit en Europese landen wachten verdeeld af.

Paolo De Mas

Ook de Amerikaanse president Donald Trump speelt een rol in het herwonnen Marokkaanse zelfvertrouwen, stipt De Mas aan. ‘Trump erkende in 2020 de Marokkaanse soevereiniteit over de Westelijke Sahara en in ruil ondertekende Marokko als tweede Afrikaanse land de zogenaamde Abraham-akkoorden, Trumps poging om de Arabische wereld en Israël te verzoenen. Bovendien gebruiken de Verenigde Staten Marokko steeds vaker als een militaire springplank voor interventies in het Midden-Oosten en de Sahelregio.’

Trumps ruggensteun sterkt Marokko in zijn assertiviteit tegenover Europa. Dat ondervonden Duitsland en Spanje al. Begin 2021 had Duitsland kritiek op Trumps beslissing over de Westelijke Sahara, waarna Rabat de diplomatieke banden met Berlijn meteen opschortte. En toen wat later de Polisario-leider naar Spanje mocht voor een medische behandeling, zette Marokko prompt de grenspoorten naar Ceuta open – 8000 mensen maakten toen de oversteek. Die druk lijkt te werken: niet veel later schoven beide landen duidelijk op richting de Marokkaanse positie.

Kunstmest

Ook België is intussen duidelijk opgeschoven. Kijk naar het Marokkaanse autonomieplan voor de Westelijke Sahara uit 2007, dat Marokko verregaande zeggenschap over het gebied verschaft. Midden 2024 vond België dat plan nog een ‘goede basis’ voor onderhandelingen, begin 2025 noemde de toenmalige buitenlandminister Bernard Quintin (MR) het al ‘een zeer goede basis’. Daarmee ging Quintin tot verrassing van velen verder dan aanvankelijk op papier was overeengekomen. En eind 2025 sprak Quintins opvolger Prévot over het plan als ‘de meest geschikte, ernstige, geloofwaardige en realistische basis’. Niet toevallig gebeurde dat net nadat de VN-Veiligheidsraad op Amerikaans initiatief een resolutie had goedgekeurd ten voordele van Marokko, waarbij Algerije zich onder druk van Washington zelfs had onthouden.

De Marokkaanse buitenlandminister Nasser Bourita kon tijdens de persconferentie na zijn ontmoeting met Prévot in Brussel een kamerbrede glimlach niet onderdrukken. ‘Een fundamentele koerswissel’, klonk het. Een beetje zelfgenoegzaam merkte Bourita op dat ruim twintig EU-lidstaten het autonomieplan intussen genegen zijn. Na het laatste bezoek van Prévot aan Rabat begin maart merkte het Marokkaanse en regeringsgezinde medium Le360 tevreden op dat ‘België de nieuwe Europese steunpilaar voor de Marokkaanse soevereiniteit over de Sahara is geworden’.

Dat België opschuift in de richting van Marokko heeft ook economische gronden. Het land biedt aanzienlijke kansen. ‘Marokko is een handels- en industrieel zwaargewicht’, kopte het zakenblad The Economist onlangs. Buitenlandse investeringen schieten de hoogte in en in 2030 organiseert Marokko samen met Portugal en Spanje het Wereldkampioenschap voetbal. Bouwbedrijven, zoals Besix dat zopas de indrukwekkende Mohammed VI-toren nabij Rabat opleverde, wachten ongeduldig af.

Dat geldt ook voor de Westelijke Sahara. Die beschikt over grote fosfaatvoorraden, en die grondstof voor kunstmest is sinds de grootschalige Russische invasie van Oekraïne flink duurder geworden. De Westelijke Sahara heeft ook 1100 kilometer kustlijn en de Atlantische Oceaan zit daar vol vissoorten waar ook China naar loert. Tot slot zijn de zon- en windenergie er onuitputtelijk, wat productie van groene waterstof mogelijk maakt– DEME, John Cockerill en de Haven van Antwerpen kijken met interesse toe. ‘Maar dan moet België wel in de pas lopen’, aldus een welingelichte diplomaat. Tegen die achtergrond vindt er in april volgend jaar een Belgische economische missie naar Marokko plaats, onder leiding van koningin Mathilde.

Dubbele nationaliteit

Want als economische samenwerking en klassieke diplomatie niet werken, dan zet Marokko andere middelen in. Van 2021 tot en met 2023 stelde de staatsveiligheid tien pogingen tot manipulatie vast van buitenlandse inlichtingendiensten tegen politici op Belgische bodem. Niet China, Rusland of Iran, maar Marokko stond met vijf van de negen politici op kop. Rabat richt zich daarbij vooral op Brussel en Wallonië. Dat is geen toeval, zegt De Mas: ‘Er heerst meer cliëntelisme, en er zijn er veel politici met de dubbele nationaliteit.’ Wie precies werd benaderd en of die pogingen succesvol waren, is onduidelijk.

Maar er zijn ook politieke contacten die tonen hoe dicht sommige Franstalige politici bij Marokkaanse netwerken staan. In 2022 werden vier Brusselse MR-parlementsleden gespot in de Westelijke Sahara – een reis die het Marokkaanse parlement betaalde. Twee van hen dienden vorig jaar een voorstel tot resolutie in om het betwiste gebied als Marokkaans te erkennen, een derde was volgens de RTBF op het moment van de reis aangesloten bij de Brusselse vzw Les Amis du Maroc, die samenwerkt met de Marokkaanse ambassade in ons land.  

En ook MR-voorzitter Bouchez speelt een opvallende rol. Hij bezocht in 2022 de Westelijke Sahara, in 2025 kondigde hij in Marokko dat hij een resolutie wilde indienen om het land de soevereiniteit over het gebied te geven – wat hij in november ook deed. Begin dit jaar reisde Bouchez ook naar Marokko, om er samen met buitenlandminister Bourita de finale van de Afrikacup voetbal bij te wonen – Bouchez supporterde naar eigen zeggen voor Marokko. ‘Niemand begrijpt helemaal wat Bouchezs belangen zijn’, aldus een bron. ‘Electorale redenen? Dat zou vreemd zijn, want Bouchez zelf verwijt de PS dat ze communautarisme om electorale redenen misbruikt.’ Ingewijden wijzen naar twee van Bouchezs adviseurs die bestuurder zijn bij een investeringsbedrijf dat zich richt op België en Marokko, en dat kantoor houdt in Rabat.

Ook bij de Franstalige socialisten gebeuren soms vreemde dingen. De Brusselse regering stelde, bijvoorbeeld, zonet de Belgisch-Marokkaanse kabinetschef van PS-kopstuk Ahmed Laouej zonder enige selectieprocedure aan als vertegenwoordiger op de Belgische ambassade in Marokko. ‘Marokko zou zelf nooit toelaten dat iemand met de dubbele nationaliteit zo’n functie op zijn ambassade in België zou krijgen’, reageert een diplomaat.

Te veel macht?

‘Europa heeft Marokko te veel macht gegeven’ of ‘Europa heeft zich te afhankelijk gemaakt van Marokko’ vonden verschillende internationale media, waaronder het Duitse weekblad Der Spiegel, na de gebeurtenissen in Ceuta eerder deze maand.

De Mas is het daar helemaal mee eens. ‘Marokko speelt zijn troeven uit en Europese landen wachten verdeeld af. Alleen een eensgezind Europa kan meer tegenwicht bieden aan Marokko. Ze kunnen, bijvoorbeeld, gezamenlijk optreden als het gaat over landbouwquota en strengere regels opleggen aan Marokkaanse banken die in Europa actief zijn.

‘Want vergis u niet: de gebeurtenissen in Ceuta zorgden ook in Marokko voor een schokgolf. Hoe kon dat gebeuren, vraagt Rabat zich af. Binnen de Makhzen, het Marokkaanse machtscentrum, zijn spanningen zichtbaar geworden, en in september zijn er algemene verkiezingen.’

knack.be
u/Inevitable_Jello1252 — 2 months ago